Corinna Feuilleton

Feuilleton, aflevering 1

Door Hetty Blaauw

Corinna zit lekker op de bank met een kopje koffie als de telefoon gaat. Het is haar kleinzoon, die vertelt dat hij voor een werkstuk moet vragen wat haar lievelingsmuziek was in haar jeugd. Meteen denkt ze aan de zwart-witfoto van Pat Boone die Love letters in the sand zong.

Nadat ze het gesprek beëindigd hebben, bedenkt ze dat er toch ook een lied was dat betrekking had op haar naam, iets als Corrina I love you so much. Moet ze toch eens opzoeken op Youtube.

Onderwijl gaan haar gedachten terug naar haar geboortestad, waar ze aan de buitenkant woonden. Achter de gasfabriek. Ja, die gasfabriek waar Rutger Kopland een gedicht over schreef dat door een lezer van de Oppeppers als lievelingsgedicht werd aangemerkt.

Voor haar als kind was het leven ongecompliceerd. Geen auto’s op straat. De melkboer kwam met de hondenkar, de bakker met de bakfiets en de groenteboer met paard en wagen. Soms kwam er iemand met een handkar langs die riep. ‘lompen en metalen’ en als moeder dan wat oude kleren had, gaf ze die mee – en kreeg je een doosje kleurpotloden. De koning te rijk was je ermee.

Toch is Corinna blij dat ze nu leeft. Ze moet er niet aan denken dat ze deze bizarre tijd in de jaren vlak na de oorlog zou moeten meemaken. Geen telefoon, geen beeldbellen of Jitsi-koffiedrinken, geen televisie, geen Oppeppers. Aan de andere kant was er minder nieuwsgaring en werd je er niet zo direct en wereldwijd mee geconfronteerd. Nou ja, het is zoals het is en ze moet zich maar bepalen bij wat wél kan op dit moment.

Dan gaat weer de telefoon. Ditmaal is het de partner van haar dochter, die vraagt of ze volgend jaar meegaat op de vakantie die dit jaar niet doorging vanwege corona. Hij heeft alweer besproken. Volmondig zegt ze ‘jazeker!’

Niet stilstaan bij wat niet kan, maar dromen over volgend jaar en vandaag leven met de mogelijkheden die er zijn. Ze gaat nog even een kopje koffie zetten. Daar gaat de bel. O ja, de buurvrouw zou nog wat komen brengen!


Feuilleton, aflevering 2

Door Claire Verlinden

Daar gaat de bel. O ja, de buurvrouw zou nog wat komen brengen!

‘Kom binnen – of liever niet?’ Corinna heeft intussen al geleerd, dat mensen erg verschillend reageren op de angst voor het virus. De buurvrouw aarzelt, maar wil toch best een kopje koffie drinken als Corinna haar dat aanbiedt.

Even later zitten ze ruim uit elkaar hun ervaringen in de supermarkt met corona-afstanden te bespreken. Ze zijn al lang buren en samen hebben ze al veel mee gemaakt. Allebei de mannen zijn gestorven en dat schept wel een band. Opeens schiet de vraag van kleinzoon Joep door Corinna’s hoofd. Hilletje kan misschien ook wel telefonisch geïnterviewd worden over háár lievelingsmuziek. Ze vertelt over de muziekopdracht en giebelend zoekt ze op haar telefoon het lied op Corrina I love you so much.

Grijnzend kijken ze elkaar aan; echt zestiger-jarenmuziek. Ze bewegen een beetje mee met hun heupen. Kermis – en vooral: voor het eerst dansen! Wat was dat spannend. Allebei komen ze uit een dorp en hoewel je alle jongens uit het dorp wel zo’n beetje kende, werd dat op de dansvloer opeens heel anders. Gut, wat stuntelden die jongens opeens. Gierend vertellen ze elkaar over hun ervaringen. Hilletje springt overeind en doet overdreven voor: Corinna, Corinna: I love you so-o-o-o . ‘En dan te bedenken’ zegt Corinna, ‘dat ik vreselijk de pest had aan dat lied. Het is een ramp, zo’n lied met je eigen naam erin’. Daar kan Hilletje over mee praten. ‘Wat ze niet allemaal met mijn naam gedaan hebben’!

Hilletje grijpt naar haar telefoon. Ze wil nu ook wel eens weten hoe je zo’n liedje gauw kunt vinden. Haar kinderen zijn altijd zo vlug en dan snapt ze het nog niet als ze weg zijn. Geduldig laat Corinna zien hoe het werkt. Even later stapt Hilletje heel gelukkig met haar mobiel de deur uit. Op de hoek van de tafel ligt een pakje dat niet door de brievenbus kon….


Feuilleton, aflevering 3

Door Elze Mulder

Op de hoek van de tafel ligt een pakje dat niet door de brievenbus kon….

Het handschrift op het adresetiket komt haar niet bekend voor. Het heeft iets vastberadens maar tegelijk onbeholpens, het zijn bijna hanepoten. De heftige halen doet nogal agressief aan. Corinna huivert even, er bekruipt haar een onheilspellend gevoel. Een afzender heeft ze er niet op zien staan.

Weet je wat, ze laat dat pakje gewoon een paar uurtjes liggen – dat is ook veiliger, het virus schijnt op karton super-lang te overleven, ze gaat eerst maar eens eten en dan ziet ze wel weer.

Net heeft ze een schoteltje de oven in geschoven, als de telefoon gaat. Het is vandaag wel druk zeg. Eerst dat telefoontje van Joep, toen de buurvrouw en nu dit weer. Ze drukt de knop in maar ze is blijkbaar net te laat, want aan de andere kant is het stil. Of… wat hoort ze nu? Het lijkt of ze iemand hoort ademen, zacht en regelmatig – en op de achergrond hoort ze gepiep en gekraak. Dit bevalt haar niks. Gauw verbreekt ze de verbinding. Een nummer was trouwens niet zichtbaar… eigenlijk is het haar gewoonte niet om op te nemen als ze het nummer niet kan zien. Volgende keer maar wegdrukken.

Na het eten kijkt ze naar de televisie, ‘Frontberichten’ ontroert haar altijd heel erg, ze voelt zich nog altijd verbonden met de mensen in de verpleging, ze heeft er zelf ook in gewerkt – tot haar man ziek werd en ze haar baan opgaf om er voor hem te zijn.

Wie kon hem nou beter verzorgen dan zijzelf? Ja, het was een vreemde, maar ook mooie tijd geweest, die laatste drie jaar. Och, wat is dat allemaal alweer lang geleden. Achteraf is ze blij dat Huib deze coronatijd niet heeft hoeven meemaken. Wat moet het verschrikkelijk zijn om niet behoorlijk afscheid te kunnen nemen van je geliefde als die gaat overlijden.

Er is ook nog een aflevering van die ziekenhuisserie die ze altijd opneemt om later te bekijken. Maar deze keer kunnen de doktersperikelen – zeg maar liefdesperikelen – haar niet bovenmatig boeien. Ze begint nota bene te knikkebollen – tijd om naar bed te gaan dus. Lichten uit en naar boven.

De maan schijnt naar binnen. Op de hoek van de tafel ligt nog steeds het pakje – er gaat een lichte trilling doorheen, of komt dat door het maanlicht?


Feuilleton, aflevering 4

Door Bea Rigter

Op de hoek van de tafel ligt nog steeds het pakje – er gaat een lichte trilling doorheen, of komt dat door het maanlicht?

Na een onrustige nacht is het eerste wat Corinna ziet weer het pakje. De trilling die ze voor het naar bed gaan al dacht te zien, is intenser geworden – en heel langzaam verplaatst het pakje zich naar het midden van de tafel.

‘Corinna van der Veer -Dam’, staat op de bovenkant met zwarte viltstift geschreven; ‘Corinna’ heel dik en met een streep eronder. Ze bekijkt het vierkante pakje wat beter. Het weegt zwaarder dan ze had verwacht. En het is van iemand die haar meisjesnaam kent.

Op de zijkant staat : Mevrouw Ziengs-Dam, met een streep erdoor. Dat is de naam van haar zus, getrouwd met een miljonair en altijd in Assen blijven wonen. Corinna heeft niet veel contact met haar zus omdat ze de poeha om haar heen verschrikkelijk vindt. Ze leest het ingesloten briefje:

Zeer gewaardeerd zusje Corinna,
Zoals je weet , krijgen wij met regelmaat geschenken van zakenvrienden en aandeelhouders van ons bedrijf. Nu kreeg ik als geschenk deze ‘trilling speaker’, het is de nieuwste uitvinding, speciaal ontworpen voor deze C…..tijd. Hij is voor jou!!! Veel plezier ermee!
P.S. ik ken jouw mening over onze relaties en geschenken, maar ik weet zeker dat je dit leuk vindt. Doe hem in het stopcontact en jouw lied trilt door je kamer!! Dans erop zoals je altijd deed!
Je liefhebbende zus Annemeta.

Corinna heeft één oudere zus en van jongs af aan waren ze totaal verschillend. Ze hadden ieder hun eigen vrienden en hun eigen bezigheden. Corinna hield van het dorpse van Assen en ging het liefste het boerenland in. Annemeta, (haar echte naam is Annie , maar die heeft ze later veranderd) viel op mooie rijkere jongens die in grote statige huizen woonden.

Als ze het pakje heeft uitgepakt, houdt Corinna een glanzende vierkante speaker in haar hand.


Feuilleton, aflevering 5

Door Helmi Duijvestein

Als ze het pakje heeft uitgepakt, houdt Corinna een glanzende vierkante speaker in haar hand.

Ze kijkt er verwonderd naar. Wat is dat nu weer? Een apparaatje dat ze niet herkent, waarvan ze zich afvraagt waar het voor dient en waarvan de gebruiksinstructie natuurlijk weer in het vertaald Chinees of Koreaans op het bijgesloten papiertje staat. Dus in een soort Nederlands dat nauwelijks te begrijpen is. Oh wat heeft ze daar een hekel aan. En zo nutteloos! En nu blijkt dat het apparaatje nog ‘aan’ staat en reageert op ieder geluid in haar kamer. Want toen haar pendule een paar minuten geleden negen uur sloeg kwam er zacht gebrom uit het speakertje , ging het apparaatje een beetje bewegen en werd op haar muur en plafond allerlei lichtflitsen geprojecteerd. Wat moest ze daar nu mee? En hoe zet ze het af zodat ze verlost wordt van het gebrom en de lichtflitsen bij ieder geluid in haar kamer? En waarom stuurt Annie , oh pardon Annemeta, dat naar haar? Ze weet toch dat zij al dit soort onzin vreselijk vindt?

Ze raakte er zelfs een beetje geïrriteerd door. Wat moet ze ermee? En dan verwacht Annie waarschijnlijk ook nog dat ze haar ervoor gaat bedanken. Daar heeft ze al helemaal geen zin in. Ze bellen elkaar maar een paar keer per jaar en dan is er een goede reden voor. Bijvoorbeeld jaarlijks op Nieuwjaarsochtend en meestal op hun beider verjaardagen. Dat vindt ze al meer dan genoeg. Ze weet niet eens wanneer haar zwager Pieter-Jan jarig is. Dus daar komt ze mooi onder uit. Ze heeft het niet zo op hem met zijn vage bedrijfjes, nogal bekakte vrienden, dure auto’s en altijd het nieuwste van het nieuwste als het gaat om elektrische apparatuur. Gadgets noemde Annie dat. Ze vroeg nog wat gadgets waren en concludeerde dat Annie het gewoon over nutteloze hebbedingetjes had. Terwijl zij en Huib juist heel duurzaam probeerden te leven. Nu ze alleen is maakt ze er een sport van om zo duurzaam mogelijk te leven en boodschappen te doen. Geen goedkope onnodige rommel in haar huis. Het woord gadget wil ze niet eens horen laat staan dat ze erin geïnteresseerd is.

Daar rinkelt haar mobieltje. Dat ook nog en nu net op het moment dat ze helemaal geen zin in een telefoongesprek heeft.

Ze kijkt op de display en ziet : Annie, Thuis


Feuilleton, aflevering 6

Door Terry Porcelijn

Dan kijkt ze op de display en ziet: Annie-thuis. En ineens voelt ze zich schuldig. Dat vreemde telefoontje van gisteravond, dat was waarschijnlijk ook haar zus geweest.
Dat komt mooi uit: nu kan ze haar meteen vragen hoe ze dat apparaat uit kan zetten. Ze neemt op met een vrolijk : ‘Hallo zus, hoe gaat het met je? Dankjewel voor je cadeau, het is gisteren gearriveerd, nu kan je me meteen mooi even uitleggen waar het voor dient en hoe ik het uitzet.’

Dit is vreemd: net als de avond ervoor krijgt ze geen antwoord. Ze hoort alleen iemand ademen. Maar er komt verder geen geluid. Er bekruipt Corinna nu een akelig gevoel van onheil. Ze krijgt kippenvel en haar hart bonst in haar keel. Rustig blijven, denkt ze, nu niet paniekerig gaan doen. En ze vraagt met een bevend stemmetje: ‘Hallo, wie is daar? Ben jij het Annie? Waarom zeg je niets? Heb je hulp nodig, moet ik 112 bellen?’

Nog steeds alleen dat ademen. Corinna probeert het nog een keer: ‘Hallo, met wie spreek ik, kan ik iets voor je doen? Moet ik iemand waarschuwen? Waar is je man?’ Dan hoort ze de stem van haar zus die fluistert: ‘Ja, ik ben het. Pieter-Jan mag dit niet horen. Die speaker heeft hij gestuurd. Er zit iets in waar de politie naar zoekt en dit was de beste manier om het even ergens te stallen. Je moet….’
Corinna hoort gestommel op de achtergrond en een boze mannenstem. Verstijfd staat ze met de telefoon aan haar oor geklemd. Een korte kreet, en de verbinding wordt verbroken.

Daar staat ze dan: ze kijkt om zich heen. Het is alsof ze even in een totaal andere wereld heeft gezeten en nu zachtjes weer geland is in haar vertrouwde kamer. Wat moet ze hier nou mee? De politie bellen of brengt ze dan haar zus in gevaar? Afwachten tot ze weer gebeld wordt? Besluiteloos kijkt ze naar de speaker die er ineens nog enger uitziet dan-ie al deed. En die ze nog steeds niet kan uitzetten. Verdoofd gaat ze zitten en pakt het ding op. Openmaken?


Feuilleton, aflevering 7

Door Henja Kronenburg

Verdoofd gaat ze zitten en pakt het ding op. Openmaken?
Ze draait het eens rond, waar moet dat dan? Geen klepje, knopje, schuifje of maar iets waar beweging in zit. Als ze kucht trilt het ding en flitsen alle kleuren weer door de kamer. Hier wordt ze gek van. Oh hemel wat een gedoe. Er is ook altijd wat met Annie.

Ze was nooit tevreden met gewoon. Altijd wilde ze meer, groter, verder, mooier, sjieker; en nu dit… Ze klonk echt bang – en die kreet? Werd ze geslagen? Heeft Pieter-Jan losse handjes? Corinna heeft nooit blauwe plekken gezien, maar ja wat zag ze haar nou.

‘Niks doen is geen optie, dus doe wat.’ spreekt ze zichzelf moed in. ‘Ik wordt hier doodzenuwachtig van,’ mompelt ze terwijl ze haar mobiel tussen de kussens van de bank vandaan vist. ‘Sjoerd, wil je me even bellen, oma’ appt ze naar haar kleinzoon. Dan kan hij op zijn eigen tijd bellen en heeft ze niet zo het idee dat ze hem lastig valt.
Vrijwel direct gaat de telefoon, ‘Hallo oma, wat kan ik voor je doen?’ klinkt het opgewekt aan de andere kant. ‘Oh Sjoerd, wat ben ik blij dat je belt, ik ben zo zenuwachtig, ik heb zo’n raar pakje gekregen van tante Annie, en toen ik haar belde deed ze zo vreemd. Er is echt iets heel engs aan de hand,’ ratelt ze ademloos. Sjoerd lacht, ‘Ach oma, zo erg kan het toch niet zijn? Vertel nou eens rustig wat er precies aan de hand is. Ik heb alle tijd, mijn digitale college is net afgelopen en ik zit nu alleen te studeren, dus even wat anders is ook leuk.’
Corinna zucht diep en vertelt zo rustig mogelijk het hele verhaal. Het blijft even stil aan de andere kant van de lijn, maar ze hoort dat Sjoerd opstaat, de trap afloopt, de deur dichtklapt en op zijn fiets springt. ‘Ik ben onderweg oma.’


Feuilleton, aflevering 8

Door Joanne Klusman

‘Ik ben onderweg!’ Sjoerd zit op z’n fiets bijna hardop te lachen: die oma! Heeft ze op d’r oude dag zo’n gloednieuw gadget te pakken… zelf heeft hij er nog niet eens eentje…
Maar ze zei dat er iets geheimzinnigs mee was… iets wat te maken heeft met tante Annie… hij kan niet wachten om te horen wat het hele verhaal is! Slordig parkeert hij zijn fiets tegen de voorgevel van de flat, en vergeet bijna het oude barrel op slot te zetten. Toch maar even doen, want zonder fiets ben je toch nergens, zelfs zonder het ouwetje dat nog van pa was.
Hij belt ongeduldig aan en als de zoemer overgaat en de deur openspringt, springt hij met twee treden tegelijk de trap op.

‘Hoi oma, wat hoor ik nou? Krijg je op je oude dag nog blitse cadeaus van je zus? Ha ha!’
Oma Corinna loodst hem meteen mee naar de woonkamer, waar het glanzend witte apparaat staat te pronken op de eettafel. Hij stuift er op af, terwijl oma voorzichtig op afstand blijft… vanwege corona én vanwege het apparaat dat wel haast lijkt te leven… Ze heeft het er niet op: ‘wees je een beetje voorzichtig, jongen?’
Sjoerd grinnikt en probeert alvast uit wat de mogelijkheden zijn van dit nieuwe technische wondertje. Ondertussen vertelt Corinna het hele verhaal en ook hoe haar zus door de telefoon angstig klonk. ‘Het moet ook open kunnen… er moet iets geheims in zitten,’ zo besluit ze haar relaas.

Zwijgend kijken oma en kleinzoon naar het kastje, dat af en toe trilt en flitst…
Hoe zou je het open moeten maken?
‘Oma, heb je een gereedschapskist?’ vraagt Sjoerd, ‘we gaan hem gewoon ontmantelen!’


Feuilleton, aflevering 9

Door Irene Gret

‘Oma, heb je een gereedschapskist?’, vraagt Sjoerd, ‘we gaan hem gewoon ontmantelen!’
Intussen schalt in Assen een weemoedig lied door de huiskamer. Het is weer Pinksteren en daar horen André van den Heuvel en Leen Jongewaard bij. Pieter-Jan zingt uit volle borst mee:

Op een mooie Pinksterdag
als het even kon
liep ik met mijn dochter aan het handje
in het parrekie te kuieren in de zon.’

Dan voelt hij zijn maag weer samenknijpen. Wat had hij graag een dochter gehad. De tekst van Annie MG Schmidt brengt hem terug in de jaren zestig. Hij wilde zo graag een kind. Hij zag het al voor zich: een lief dochtertje met dezelfde krullen als Annemeta. Wat zou hij daar trots op zijn geweest.
Maar Annemeta wilde geen kind. Dat zou haar prachtige figuur verpesten. Dus bleef ze fanatiek aan de pil en Pieter-Jan kon er niets tegen doen. Hij heeft nog geprobeerd of ze een adoptiekind in huis konden nemen. Dat had toch geen invloed op haar slanke taille? Maar daar moest ze ook niet aan denken. Annemeta wilde een zorgeloos bestaan, veel reizen en mooie kunst verzamelen. Een kind zou daar niet bij passen.

Pieter-Jan vluchtte daarom in hard werken, dure auto’s en zijn geheime hobby: elektronisch speelgoed. Zo kan hij zich ook een beetje inleven in de wereld van de whizzkids. Hij zoekt altijd apparaatjes uit die allerlei wonderlijke dingen kunnen. Hij bestelt ze via internet en kan er uren zoet mee zijn. De pakketjes laat hij steevast bij de Bruna in het centrum bezorgen.

Helaas is er laatst iets fout gegaan. Per ongeluk is een van zijn ‘gadgets’ thuis bezorgd op een moment dat hij er niet was. Omdat het pakje zo lang op zich liet wachten heeft hij gechat met Amazon. Die schreef dat het bij zijn huisadres was afgeleverd. Toen hij uiteindelijk toch maar aan Annemeta vroeg of zij een pakketje had aangenomen, deed ze heel raar. Ze zei dat ze het niet wist en begon te huilen. Ze was bang dat de politie achter hem aan zat en vroeg wat er in dat pakje had gezeten. Was het soms afluisterapparatuur? Of iets tegen het coronavirus? Of…?


Feuilleton, aflevering 10

Door Joanna Schopman

Was het soms afluisterapparatuur? Of iets tegen het Corona-virus? Of…?
Pieter-Jan had het zo’n idioot verhaal gevonden en de reactie van Annemeta zo absurd, dat hij naar de keuken gelopen was, Annemeta achterna. Daar bekende ze huilend, dat ze het pakje had opengemaakt, omdat het geluid maakte, waar ze erg van geschrokken was.
Ze maakte nooit zijn post open; dat vond Pieter-Jan een ernstige schending van zijn privacy. Maar een trillend en geluidmakend pakketje was wat anders: ze moest toch weten of het iets gevaarlijks was. En toen had ze het briefje gevonden met de tekst: ‘verberg dit voorwerp, de politie zoekt naar de inhoud.’ Ze had het daarna in de kelder, achter de koffers, weggestopt. Nadat ze dit opgebiecht had aan Pieter-Jan, was ze de tuin in gerend.

Diezelfde middag had ze het pakketje weer zien liggen, nu geadresseerd aan haar zus. Wat moest ze nu doen? Pieter-Jan was thuis en pas na een paar dagen, toen hij even het huis uit was, had ze haar zus gebeld om te waarschuwen. En net op dat moment kwam hij weer binnen. Met een gilletje had ze de hoorn op de haak gegooid.

Sjoerd heeft inmiddels in de gereedschapskist van Corinna schroevendraaiers gevonden, hij vindt de juiste en begint het geval open te schroeven. Het gaat gemakkelijk. De speaker is leger dan Sjoerd verwacht had. Hij zoekt de batterijhouder en maakt die open. Batterijen eruit, en ja hoor, het trillen en het geluid houdt op. Corinna kijkt over zijn schouder mee en ziet dat Sjoerd bezig is met een soort klein zwart doosje dat met veel plakband aan de binnenkant is bevestigd. ‘Oma!’ roept Sjoerd uit als hij het ding los heeft gekregen, ‘Voel eens hoe zwaar dit ding is!’
Ongemerkt is Corinna heel dicht bij Sjoerd komen staan. Hij legt het ding in haar hand, en ze laat het bijna vallen, zo zwaar is het. Verbijsterd kijken ze elkaar aan. ‘Dit klopt echt niet, oma,’ zegt Sjoerd die als eerste zijn stem weer gevonden heeft. ‘Nee, dit klopt echt niet!’ Secondenlang hangt er een stilte tussen hen, dan hoort Sjoerd oma, met wat hese stem, zeggen: ‘We zullen toch echt de politie moeten bellen.’


Feuilleton, aflevering 11

Door Hetty Blaauw

Secondenlang hangt er een stilte tussen hen, dan hoort Sjoerd oma met een wat hese stem zeggen: ‘We zullen toch echt de politie moeten bellen.’ Terwijl ze dat zegt voelt ze weer die vreemde duizeling, die de laatste tijd wel vaker de kop op steekt. Toch binnenkort maar even de dokter bellen.

Daarop vraagt ze Sjoerd of ze eerst maar iets zullen drinken. ‘Jij lekker een beker chocolademelk met slagroom? Dan gaan we daarna bedenken wat de volgende stap is.’ Vastberaden loopt ze naar de keuken en gaat aan de slag. Intussen ruimt Sjoerd de gebruikte schroevendraaiers op en bergt de gereedschapskist weer in de kast.

Even later komt Corinna met een afgeladen dienblad naar binnen. Bij de deur struikelt ze over een losliggend kleedje dat ze eigenlijk al veel eerder had moeten weghalen. ‘Verdikkie, had ik maar…..’ Vertwijfeld probeert ze zich vast te houden aan de tafelrand maar in plaats van dat ze daar steun vindt, trekt ze de vaas bloemen mee in haar val en met een verschrikte kreet valt ze languit neer op de grond. Ook het gedemonteerde speeltje valt op de grond, die nu bezaaid is met scherven, bloemen, rommel en water.

Sjoerd heeft alleen oog voor oma, die bewegingloos op de grond ligt. Opeens herinnert hij zich het verhaal dat oma hem eens vertelde, dat ze na een barbecue bij hun thuis naar huis fietste, maar opeens wakker werd in een ambulance met een gat in het hoofd. Ze heeft nooit geweten hoe dit kwam.
Sjoerd merkt dat oma nog wel ademt, maar niet reageert op zijn vragen. Hij besluit 112 te bellen en die beloven zo snel mogelijk te komen. Inderdaad staat de ziekenauto binnen tien minuten voor de deur. Ondertussen is ook Hilletje, de buurvrouw binnen gekomen. ‘Ga jij maar met je oma mee, dan ruim ik hier de troep wel op.’ zegt ze. Corinna is ondertussen onrustig geworden en brengt een paar onverstaanbare klanken uit waar ze niets uit op kunnen maken.
Als de ziekenauto met Corinne en Sjoerd vertrokken is bekijkt Hilletje de chaos. Meteen pakt ze een veger, veegt alles bij elkaar, doet het in een plastic zak en deponeert hem in de grijze kliko die toevallig net aan de straat staat. Opgeruimd staat netjes, zegt Hilletje tegen zichzelf. Om de hoek ziet ze vuilniswagen aankomen.

Onderwijl in de ambulance hoort Sjoerd opeens oma stamelen. Wat probeert ze toch te zeggen, vraagt hij zich af. ‘Geen po…poti….’ En dan zakt ze weer weg.
Niet vergeten Hilletje vanavond even te vragen om de opengemaakte gadget even goed op te ruimen, denkt Sjoerd nog. Dan komen ze met blauw zwaailicht aan bij de Eerste Hulp van het ziekenhuis en is oma in goede handen.


Feuilleton, aflevering 12

Door Claire Verlinden

Dan komen ze met blauw zwaailicht aan bij de Eerste Hulp van het ziekenhuis en is oma in goede handen.
Intussen kijkt Hilletje naar de vuilniswagen die vanwege verkeerd geparkeerde auto’s niet de straat in kan rijden, als de telefoon gaat. Gespannen neemt ze op; het zal toch niet Sjoerd al zijn met een naar bericht? ‘Met het huis van…’
Aan de andere kant hoort ze de joviale stem van de zwager van Corinna. Die kent ze wel van verjaardagen. ‘Zo, buurvrouw?’, vraagt hij. En Hilletje vertelt in korte zinnen wat er gebeurd is. Ze wil hem nog niet meteen ongerust maken. ‘En ja toen heb ik de troep maar opgeruimd.’
Het blijft even stil aan de lijn. Pieter-Jan ademt zwaar. ‘Rare vraag nu op dit moment, maar ligt er ergens een pakje?’ Hilletjes ogen schieten door de ruimte. Wat heeft ze weggegooid? Bloemenvaas, bloemen, kapot gescheurde doos, snoertjes en printplaatje – en nog een gek dingetje. O ja, en naast de batterijen ziet ze op tafel een brief.
‘Dat gekke dingetje, waar is dat nu?’ vraagt Pieter-Jan. ‘In de grijze bak.’ Hilletjes ogen schieten naar de brief waar iets van ‘politie’ op staat. Kalm vraagt Pieter-Jan of ze asjeblieft dat blokje uit de grijze bak wil halen. En dat het gaat om een trackingspel en dat hij het straks uit zal leggen.

Even later, als de vuilniswagen van de andere kant van de straat aan komt rijden, ligt een grijze dame bij een omgekeerde grijze bak tussen de rotzooi te graaien. Een jonge knul springt van de wagen. ‘Is ie omgewaaid?’ vraagt hij medelijdend. Hij knielt naast Hilletje neer. ‘Ik heb per ongeluk iets belangrijks weggegooid,’ hijgt Hilletje. En samen graaien ze tussen het vuil, op zoek naar een zwart kubusje. Met zijn handschoenen aan spreidt de jongen de vuilnis en ja, daar ligt het! Vóór de jongen het kan grijpen heeft Hilletje het al en klemt het stevig vast in haar hand. ‘Ik ruim het zo op,’ stamelt ze, ‘eerst moet ik bellen!’ en ze holt zo hard ze kan naar de deur, de jongen verbouwereerd achterlatend.


Feuilleton, aflevering 13

Door Elze Mulder

… en ze holt zo hard ze kan naar de deur, de jongen verbouwereerd achterlatend.
Terug in Corinna’s appartement, wil ze Pieter Jan terugbellen. Maar wacht, er is geen nummer te zien. Hij vond het blijkbaar nodig om zijn nummer af te schermen. Of dat was per ongeluk…

Maar goed, nu ze er verder over nadenkt, vindt ze het toch een vaag verhaal. Een trackingspel? Ze heeft weleens gehoord van geocaching, maar daar komen zeker geen zwarte doosjes aan te pas. En wat staat er eigenlijk op dat briefje? ‘Verberg dit voorwerp, de politie zoekt naar de inhoud.’

Met het briefje en het doosje in haar hand stapt Hilletje Corinna’s deur uit en haar eigen appartement weer binnen. Ja, die Pieter-Jan doet wel heel joviaal, maar in feite kent ze hem niet. Waar heeft ze eigenlijk precies voor op haar knieën in het vuilnis liggen graaien? Pieter-Jan heeft haar telefoonnummer niet, ook niet haar achternaam, dus voor hij haar zelf telefonisch te pakken krijgt, kan ze toch rustig eens kijken waar het eigenlijk om gaat. Sowieso zijn er wel een hoop tegenstrijdigheden.

‘Wat heb je daar nou toch?’ dat is haar echtgenoot Jos, die opkijkt uit zijn boek. Hij heeft wel meegekregen dat Corinna in de ambulance werd afgevoerd, maar de scène tussen het vuilnis was buiten zijn gezichtsveld geweest. Hilletje houdt het maar kort. ‘Tja, dat lag op de grond bij Corinna, en haar zwager belde zojuist op, hij zei iets vaags over een trackingspel dat hij aan haar zou hebben gestuurd, maar ik vertrouw het eigenlijk voor geen cent. Er zat namelijk ook een briefje bij dat de politie dit niet in handen mocht krijgen – lijkt me niet in de haak toch? Ik denk dat ik maar eens ga kijken wat er in zit.’
‘Hilletje! Wat ben je toch altijd eigengereid! Ga er gewoon mee naar de politie, als het een grap is, komt dat gauw genoeg uit. Stel dat er écht iets gevaarlijks in zit…. wie weet zit er wel poeder in met coronavirus, of van dat miltvuurspul….’

Ja – daar heeft Jos wel gelijk in. Ze moet haar nieuwsgierigheid maar bedwingen. Naar de politie ermee, ondanks dat briefje… Zoveel kan er toch niet gebeuren? Zo ver reikt de arm van die zwager in Assen vast niet. Toch twijfelt ze. Wat als er wél iets heel raars aan de hand is? Je hoort van die vreemde verhalen over de maffia en zo….
Ze kan het natuurlijk ook gewoon terugbrengen naar Corinne’s appartement.


Feuilleton, aflevering 14

Door Bea Rigter

Ze kan het natuurlijk ook gewoon terugbrengen naar Corinna’s appartement.
Haar mobieltje trilt:‘Het valt mee, ik krijg medicatie en ben over een uurtje terug’.

Hilletje pakt opgelucht Corinna’s sleutel. ‘Ik ga even naar hiernaast.’

Tijdens het opruimen gaat de huistelefoon. Hilletje twijfelt maar ze neemt op.
‘Met de buurvrouw van…’
‘Met mevrouw Ziengs, de zus van Corinna, ik moet haar NU spreken!’
‘Corinna is opgehaald door een ambulance…’
‘Mijn God….! Ik kom er meteen aan!’
Hilletje wil verder vertellen maar de verbinding wordt verbroken en ze haalt haar schouders op.

Na een uur staat ze voor het raam. Links stopt met piepende banden een glimmende Jaguar. Rechts een taxi. Ze staan nu precies tegenover elkaar. De deur van de Jaguar vliegt open, Sjoerd helpt zijn oma uit de taxi.

De twee zussen zien elkaar, staan even aan de grond genageld, en vliegen elkaar om de hals. Ze barsten in tranen uit en houden elkaar minutenlang vast…
Hoezo COVID, denkt Hilletje – maar ze beseft ook dat ze getuige is van iets heel waardevols.

Eenmaal binnen kletst iedereen door elkaar. Er is geen touw aan vast te knopen… Dan neemt Hilletje het initiatief:
‘Hier is het pakje waar Pieter-Jan over belde, ik heb het uit de kliko gered.’
‘O ja,’ zegt Sjoerd, ‘dat is die oude harde schijf. Daar weet ik alles van, net van mijn studiegenoot geleerd. Oma, u heeft toch oude afspeelapparatuur?’ Verbouwereerd wijst Corinna naar de zijkamer.
‘Hier gaat het allemaal om, Corinna, het is heel erg,‘ zegt Annemeta en ze pakt de hand van haar zus. Sjoerd gaat helemaal los, dit vindt hij leuk.

Vier paar ogen kijken naar het scherm waar heel veel jeugdfoto’s voorbijkomen.

‘Als dit alles is….’ Dan verschijnt er een nieuw scherm:

September 1985
Privéstorting van Groningsche Vleeschhouwerij naar Banque du Luxembourg.
rek. 10098368 – 25.500.000 gulden


Feuilleton, aflevering 15

Door Helmi Duijvestein

Verbouwereerd kijken ze allemaal naar het scherm. ‘Wat een boel geld,’ zegt Sjoerd ‘zelfs in euro’s is dat nog altijd een heel groot bedrag. Maar wat of wie is de Groningsche Vleeschhouwerij?’
Annie lijkt geschrokken en trekt wit weg. In 1985 was ze nog maar kort samen met PieterJan, maar ze wist natuurlijk wel van wie de Groningsche Vleeschhouwerij was.

Ze begint te vertellen dat de vader van Pieter-Jan een gerenommeerde slager in Groningen was. Hij had verschillende filialen in Groningen stad en omgeving. Toen hij in 1985 overleed had Pieter-Jan absoluut geen ambitie om zijn vader op te volgen maar ook zijn broers waren niet geïnteresseerd in de voortzetting van het bedrijf. Ze hebben toen het bedrijf inclusief alle panden die erbij hoorden verkocht en de opbrengst onder de broers verdeeld.

Annie wist best dat het veel geld was dat Pieter-Jan geërfd had, maar dat er ook nog een flink bedrag op een bank in Luxemburg staat, is voor haar nieuw. De manier waarop ze nu leven is luxe genoeg, bovendien heeft hij nog inkomen van al zijn bedrijfjes waarvan Annie soms niet eens weet waar ze voor staan. Om in deze luxe te leven heeft hij blijkbaar die 25.500.000 gulden niet nodig.
Waarom staat dat bedrag er dan nog steeds en wat wil Pieter-Jan ermee? Het zal toch geen zwart geld zijn dat hij nu probeert wit te wassen? Annie vindt wel dat Pieter-Jan de laatste tijd wat minder open is, het lijkt soms of hij iets voor haar verbergt.

Sjoerd drukt nogmaals op de entertoets. Hij wil weten of er nog meer geheimzinnigs op de harde schijf staat. En ja hoor – de vier paar ogen worden nog groter!


Feuilleton, aflevering 16

Door Terry Porcelijn

Hij wil weten of er nog meer geheimzinnigs op de harde schijf staat. En ja hoor. Vier paar ogen worden nog groter.

Er blijkt nog een rekening te zijn op de Kaaiman eilanden. Deze is pas deze maand geopend op naam van mw. A. Ziengs-Dam. Annie roept: ‘ik weet nergens van!’
Op dat moment wordt er aangebeld, terwijl tegelijkertijd Annies mobieltje gaat. Ze roept: ‘Pieter-Jan staat voor de deur. Ik ben er niet’ en wil naar Corinnas slaapkamer lopen. Maar haar zus houdt haar tegen: ‘Dat heeft geen zin, je auto staat voor de deur dus hij weet dat je hier bent.’

Ze kijken elkaar besluiteloos aan. Sjoerd neemt het initiatief en zegt: ‘ik ga wel naar de deur en zeg dat ik hem niet kan binnenlaten vanwege de coronamaatregel dat er niet meer dan twee bezoekers tegelijk binnen mogen. Als hij het toch probeert zeg ik dat ik de politie bel. Dat zal hem wel op andere gedachten brengen.’

Dankbaar knikt Annie hem toe: ‘goed bedacht’. Corinna zegt kordaat: ‘En die schijf moet verstopt worden; dan kijken we straks verder wat er nog meer op staat. Ik denk eigenlijk dat we er in elk geval mee naar de politie moeten gaan.’

Sjoerd loopt de kamer uit nadat hij de schijf uit het apparaat heeft gehaald. Hij weet al waar hij hem kan verstoppen, nl. in oma’s brievenbus. Hij heeft ooit een verhaal gelezen over iemand die een moord had gepleegd en verdacht werd door de politie. Het hele huis werd doorzocht, maar niets gevonden wat als bewijs kon dienen. Later bleek dat al die tijd in de brievenbus te hebben gelegen. Zachtjes doet Sjoerd het deurtje van de brievenbus open en legt de schijf er in. Dan haalt hij diep adem en opent de voordeur.

‘Goedemiddag, meneer… moet u hier zijn?’ ‘Ja, ik kom voor mijn vrouw, die is hier op bezoek bij haar zuster, laat je me er even langs? ‘Nou, eh, behalve mijn oma en uw vrouw is er ook nog een buurvrouw. En ik zou net weggaan… Met u erbij zouden er te veel mensen binnen zijn. Kan ik een boodschap doorgeven?’


Feuilleton, aflevering 17

Door Henja Kronenburg

‘Met u erbij zouden er teveel mensen binnen zijn. Kan ik een boodschap doorgeven?’

Terwijl hij dat zegt gaat de kamerdeur open en stapt Annie de gang in.
‘Dag P-J,’ zegt ze zachtjes, onbewust zijn koosnaampje gebruikend. ‘Ik ben zo geschrokken dat Corinna naar het ziekenhuis moest.’ Onwillekeurig doet Sjoerd een stap achteruit en laat Annie er door. ‘Het is zo’n puinhoop, Hilletje van hiernaast heeft al veel opgeruimd.’
‘Het geeft niet hoor,’ zegt Pieter-Jan, terwijl hij haar zachtjes over haar wang aait, ‘ik wil graag samen gezellig uit eten, zodat we wat kunnen bijpraten. De laatste tijd hebben we elkaar nauwelijks gezien. Zal ik in De Klepperman in Hoevelaken een suite bestellen? Dan kunnen we daar ook dineren.’
Hij legt zijn vinger op zijn lippen en drukt hem op haar lippen. Annie smelt. ’Ja, maar ik kan Corinna niet alleen laten vannacht.’
‘Oh, maar ik kan wel blijven slapen hoor,’ zegt Sjoerd die achter in de gang is blijven luisteren.
‘Fantastisch! Weet je wat, Annie,’ vervolgt Pieter-Jan, ‘als jij nog even bij je zus blijft, dan rijd ik door naar Hoevelaken en zie ik je daar tegen 6 uur, okay?’ Annie knikt en klikt de deur in het slot. Verward kijkt ze om naar Sjoerd, ‘Ik snap het niet, hij is ineens weer zo lief, ik kon echt niet weigeren, hoor.’

Pieter-Jan slaat woedend de autodeur dicht en geeft een dot gas. Wat een trut is het toch, net als die zus van haar. Gelukkig is Annie simpel te lijmen met een luxe dinertje, dan kan hij haar uithoren en morgen halen ze dan onder het mom van ziekenbezoek het pakje even op. Tenminste als die achterlijke buurvrouw met haar smetvrees niet alles in de kieperton geflikkerd heeft. Niet te geloven toch, heeft niet genoeg aan haar eigen huis, moet ook zo nodig het huis van de buurvrouw smetvrij maken.

Hij trapt het gaspedaal helemaal in schiet van de A27 de A1 richting Amersfoort op. Oh shit, nog steeds 100 hier. Hij wil niet geflitst worden, dus zakt hij af naar de tweede rijstrook en laat het gas los. Tegelijkertijd ziet hij in zijn spiegel een zwarte SUV hard over de 3e rijstrook aankomen. Wauw – die gaat wel erg hard. Krijg nou wat, wat doet die vent? De rechterbumper van de SUV knalt tegen zijn linker achterkant, waardoor hij een zwieper naar rechts maakt. Pieter -Jan weet met alle macht de auto op de weg te houden maar zwaait daardoor wel te veel naar links. De SUV schiet voor hem langs, zwenkt vlak voor hem naar rechts, remt keihard, waardoor Pieter-Jan ook op zijn remmen moet gaan staan.
Dan ziet hij een vent uit het rechterraam hangen met een machinepistool in zijn hand. Eerst knalt Pieter’s linker voorband aan flarden, waardoor hij gaat slingeren, en daarna de rechterband. Pieter-Jan remt uit alle macht , trekt aan het stuur, probeert in paniek alles om zijn auto op de weg te houden maar plotseling staat hij met zijn neus tegen de rijrichting in, klapt schuin op zijn twee linker wielen en daarna helemaal door naar de rechter kant, waarna hij ondersteboven met de passagierskant tegen de vangrail en met de achterkant hoog bovenop de vangrail knalt. Aan beide zijden van de vangrail hoor je luid getoeter en piepende remmen. Dan is het ineens doodstil alsof de wereld zijn adem inhoudt. Het achterwiel hoog boven de vangrail draait doelloos rond.


Feuilleton, aflevering 18

Door Joanne Klusman

Dan is het ineens doodstil, alsof de wereld zijn adem inhoudt. Het achterwiel hoog boven de vangrail draait doelloos rond.

Intussen opent Annemeta de kamerdeur en gaat samen met Sjoerd de huiskamer binnen. Hilletje en Corinna zitten op de bank en Corinna doet haar verhaal over alles wat haar overkwam in het ziekenhuis. Als haar kleinzoon en zus zijn binnengekomen, begint ze nogmaals haar relaas…

‘Eigenlijk valt het best mee,’ besluit ze, ‘het is mijn bloedsuiker: die is niet stabiel en de internist wil me komende week uitgebreid onderzoeken. Intussen moet ik om de drie uur iets lichts eten, dat is mij verteld”.
‘Maar toch… er is je iets ingrijpends overkomen, Corinna, en misschien moet je na een boterhammetje toch even gaan rusten.’ zegt Hilletje. Dan zegt Sjoerd: ‘Oma, als het voor dit moment weer rustig is, dan ga ik naar huis om mijn ouders in te lichten en dan bellen ze waarschijnlijk vanavond even met je om te horen hoe het gaat, oké?’
‘Natuurlijk, lieve jongen! En heel veel dank voor je steun en hulp!’ De andere twee dames vallen haar bij, en met de hartelijke groeten voor zijn ouders verdwijnt Sjoerd met een brede armzwaai naar huis.

Corinna kijkt haar zus aan zegt: ‘wat fijn dat ik je weer zie, Annie, en wat jammer dat het nu zo hectisch is allemaal, we moeten toch gauw eens afspreken om onze band weer aan te halen!’ Annemeta kijkt haar zus warm in de ogen en beaamt dat ze Corinna graag weer vaker zou zien – maar wel ná dit avontuur, dat ook nog lang niet is afgelopen… Corinna informeert nu ook naar het gesprek dat Annemeta aan de deur met haar man heeft gevoerd.
‘Hij was weer zó lief voor me,’ besluit Annemeta, ‘en nu gaan we in een mooi hotel in Hoevelaken eten en heel goed praten samen…’ Het is haar aan te zien dat het haar goed doet dat Pieter Jan zo aardig was.

Nu staat Hilletje op om een boterham voor Corinna te maken. Terwijl ze naar de keuken loopt, gaat het mobieltje van Annemeta af: een onbekende mannenstem informeert formeel en enigszins bars of hij spreekt met mevrouw Anna Ziengs-van Dam. Als ze dat beaamt, vraagt de man waar hij haar kan vinden. Het is belangrijk dat hij haar zo snel mogelijk spreekt. Het heeft te maken met haar echtgenoot…


Feuilleton, aflevering 19

Door Irene Gret

Als ze dat beaamt, vraagt de man waar hij haar kan vinden. Het is belangrijk dat hij haar zo snel mogelijk spreekt. Het heeft te maken met haar echtgenoot.

Bij het horen van die stem stijgt Annemeta het bloed naar de wangen. Plotseling staat ze te trillen op haar benen. Ze bevindt zich ineens weer op Malta. Drie weken zon, wind en natuur. Een man met staalblauwe ogen en een ijzeren wil duwt haar tegen de keldermuur van haar appartement aan. Haar verstand zegt nee, maar haar lijf doet ja. En als zijn handen haar rok omhoog trekken en zijn lippen de hare raken, geeft ze zich aan hem over.

Alle dagen daarna hebben ze ‘s avonds de liefde bedreven. En nu voelt ze opnieuw de honger naar zijn lijf. Ze verlangt naar de donkere krulletjes op zijn borst, zijn bruine naar amandel geurende huid. De kleine tatoeage van een jaguar op zijn linker bil. Ze herinnert zich hoe hij haar begeerde. Hoe hij haar de kleding van het lijf trok. Het waren zinderende nachten. Lang heeft hij om haar heen gedraaid, haar gepaaid met geld en een leven zonder zorgen. Hij hield niet van haar, zei hij. Daar was hij duidelijk in. Hij wilde met haar pronken. Ze zou zijn dekmantel zijn voor allerlei duistere zaken. Niemand zou aan zijn integriteit twijfelen, met zo’n mooi, dom blondje aan zijn zijde. En dan was er natuurlijk de seks. Hij had nog wat filmpjes gemaakt van hen samen – in de gekste standjes. Daar hadden ze samen om gelachen. Maar toen ze het uit maakte had hij gedreigd ze aan P-J te laten zien.

Annie daarentegen smachtte naar echte liefde. Ze had in die tijd al een relatie met Pieter-Jan, maar ook zijn kille, berekenende aanhankelijkheid bracht haar tot wanhoop. Ze hadden een knipperlicht-relatie. Het ging uit en aan. Ze kon P-J niet vertrouwen en ook niet missen. Diego was tenminste duidelijk geweest: het zou haar aan niets ontbreken, maar zijn zaken gingen haar niets aan.
Maar – hoe komt hij aan haar telefoonnummer? Is hij het werkelijk? Ze stamelt zachtjes zijn naam.

Dan wordt er gebeld. Er staan twee mannen in vol ornaat voor de deur. Hilletje, het broodmes nog in de hand, doet open. Ze legitimeren zich als politie en vragen of zij familie is van de heer Pieter-Jan Ziengs?


Feuilleton, aflevering 20

Door Joanna Schopman

Ze legitimeren zich als politie en vragen of zij familie is van de heer Pieter-Jan Ziengs.

‘Zijn vrouw is hier, ik zal haar even roepen,’ zegt Hilletje tegen de heren en ze roept in de richting van de huiskamer: ‘Annemeta, politie voor jou!’

Annie wordt bleek bij die woorden. Is het zo erg wat haar man en die Diego gedaan hebben? Wat moeten ze al lang achter hen aanzitten, dat ze haar hier hebben kunnen vinden. O hemel! Zijzelf wordt er ook natuurlijk ook mooi bijgelapt door deze twee ellendelingen, met die Kaaiman-rekening op háár naam. Zou de politie haar auto gevolgd zijn, dat ze haar hier hebben kunnen vinden? Straks zit ze jaren in de gevangenis voor hun vuile zaakjes, de rotzakken. Wat een geluk dat ze nu bij Corinna is en niet in haar eigen huis. Maar ze moeten niet denken dat ik me tot crimineel laat maken door hen, wie denken ze wel dat ze zijn, om haar er zo bij te lappen!

Woedend en met rood aangelopen hoofd stapt Annie op de heren af en voor dezen de kans krijgen iets te zeggen begint ze op opgewonden toon: ‘We zijn er net pas achter gekomen dat mijn man en Diego met smerige financiële zaakjes bezig zijn. Maar dat ze mijn naam gebruikt hebben voor een Kaaiman-rekening, dat is onvergefelijk, de criminelen! Ik heb er niets mee te maken en ik wil er ook niets mee te maken hebben en al dit gedoe en dan zojuist ook nog die Diego die mij belt omdat hij Pieter-Jan dringend moet spreken. Pak ze alsjeblieft op en sluit ze heel lang op en red mij van deze kerels want ik sta te bibberen van angst!’

De gezichten van de politiemannen zijn van serieus naar verbaasd gegaan; ze lijken helemaal niet te begrijpen wat deze ratelende vrouw allemaal uitkraamt. De oudste van de twee herpakt zich als eerste en zegt:
‘Mevrouw, als u wilt, praten we dadelijk verder over wat u allemaal zei, maar wij komen momenteel voor iets anders, iets ernstigs, want uw man heeft een ongeluk gehad.’
‘Wat bedoelt u.., ongeluk, wat dan? Wat is er met hem?’
‘Helaas mevrouw, het spijt me heel erg u te moeten vertellen dat uw man overleden is.’
Als hij de blik van ongeloof in Annies ogen ziet vult hij aan: ‘Hij is van de weg geraakt en over de kop geslagen over de vangrail.’


Feuilleton, aflevering 21

Door Hetty Blaauw

‘Hij is van de weg geraakt en over de kop geslagen over de vangrail.’
Iedereen is met stomheid geslagen. Corinna slaat een arm om Annemeta en leidt haar naar een stoel.

Na enkele ogenblikken vraagt Annemeta aan de agent hoe ze wisten dat ze hier moesten zijn. ‘Welnu,’ zegt hij, ‘aan de hand van het nummerbord konden we de eigenaar van de auto traceren. Bij navraag op zijn kantoor vertelde de secretaresse ons dat hij plotseling naar Hilversum moest omdat de zus van zijn vrouw opgenomen was in het ziekenhuis. Het uitlezen van zijn routeplanner voerde ons naar dit adres.’

Het blijft enige tijd doodstil in de kamer. Het lijkt wel of niemand echt begrijpt wat er is gebeurd. Na een tijdje vraagt een van de agenten of de man van Annemeta soms vijanden heeft, want er is een getuigenverklaring die zegt dat Pieter-Jan van achteren werd aangetikt, daarna werd gesneden en dat er vanuit het zijportier op de banden werd geschoten.
‘En door wat u zojuist allemaal zei, krijgen wij sterk het vermoeden dat het hier niet gaat om een gewoon ongeluk…’

Een ogenblik is het stil, maar dan zegt Corinna dat ze vindt dat Annemeta de politie openheid van zaken moet geven over dat rare pakketje dat enige dagen geleden per post is bezorgd.

Na herhaald aandringen vertelt Annemeta dan schoorvoetend het verhaal van het postpakketje, het verwarrende briefje, de onverklaarbare rekening op de Kaaimaneilanden, en het telefoontje van Diego. Ook zegt ze dat ze die avond met Pieter-Jan in Hoevelaken had afgesproken om alles uit te praten.

De agent merkt dat het hele gebeuren Annemeta erg aangrijpt. ‘Heeft u dat pakketje nog?’ is zijn volgende vraag, ‘want zonder bewijsmateriaal beginnen we niets.’ Met grote ogen kijken de zusters elkaar aan, hun ogen zoeken de hele kamer af maar er is geen spoor te vinden van het pakketje.
Misschien weet Sjoerd meer…


Feuilleton, aflevering 22

Door Claire Verlinden

Misschien weet Sjoerd meer…

Corinna zakt op de bank. In wat voor drama is ze nu terecht gekomen? Haar hart klopt als een gek en ze voelt zich weer heel duizelig worden. De kamer draait om haar heen: haar geëxalteerde zus, twee piepjonge agenten, een dode zwager, overspel met een bandiet… Ze kan het allemaal niet meer aan.

Een agent komt met een glas water aangelopen en Annemeta zakt naast haar op de bank.

Midden in die consternatie wordt wéér aan de deur gebeld en een van de agenten zegt dat ie zelf naar de deur gaat; je weet maar nooit. Even later stormt Sjoerd naar binnen. Hij duwt de agent die bij Corinna staat weg en roept onthutst dat hét op het nieuws is. Hij zwaait met zijn mobiel: Waarschijnlijk bij een afrekening in de criminele sfeer is een man verongelukt en de auto op het plaatje lijkt de wagen van P.J. En dan pas ziet hij de huilende Annemeta en het dringt tot hem door, dat er twee agenten in de kamer staan.

“Nou even kalm’, zegt de andere agent bars. ‘Wij zijn bezig met een eerste gesprek. Mevrouw Ziengs vertelde net over een floppy met bankgegevens en u heeft dat kennelijk het laatst in handen gehad’. Sjoerd voelt dat hij een kleur krijgt. Wat is wijsheid? Hij ziet de brievenbus voor zich.

Opeens schiet Corinna overeind: ‘Dat telefoontje van die Diego, moeten jullie niet heel snel achter die man aan? Misschien heeft Diego wel PJ de dood ingejaagd’. Ja, dat lijkt de heren niet eens zo gek en ze vragen bijna tegelijkertijd naar mobiel van Annemeta.

‘Heeft u ook een foto van die Diego?, een goed signalement is nooit weg’. Intussen worden gegevens van Annemeta en Diego via de mobilofoon naar het politiecentrum gecommuniceerd. En ja daar verschijnt op de mobiel een knap portret van Diego. De maag van Annemeta krimpt samen. Die foto heeft ze zelf gemaakt. Wat staat er allemaal nog meer op haar mobiel?

Feuilleton, aflevering 23

door Elze Mulder

Wat staat er allemaal nog meer op haar mobiel? Foto’s, whatsappjes – die van Diego heeft ze altijd bewaard….
Ze denkt aan zijn warme, fluwelen stem – en schiet overeind: ‘Dat telefoontje, voordat jullie aan de deur kwamen – dat was Diego helemaal niet, bedenk ik nu! Geen idee wie dat was eigenlijk…’ Corinna kijkt naar de agenten, en zegt: ‘Hoort u wat mijn zus zegt? Dat betekent dat die Diego er misschien helemaal niet bij betrokken is! Geeft u die mobiel maar weer terug!’

De agent met de mobiel in zijn hand reageert: ‘Toch zouden we wel graag de gegevens in uw telefoon willen bekijken, er staan veel sms’jes en appjes in van uw man, daar kunnen wel aanwijzingen uit komen.’
De andere agent doet een stap naar de bank toe en voegt eraan toe: ‘en wat betreft die harde schijf met bankgegevens – mijn collega en ik hebben even overlegd en we denken dat we daar nu even nog niets mee doen. Ik begrijp dat u vermoedt dat er sprake is van belastingontwijking, maar dat lijkt in deze situatie niet relevant. We denken op dit momenet eerder aan een vergismoord, een afrekening in de criminele sfeer zoals dat heet. De auto van uw man kan zijn aangezien voor die van heel iemand anders.’

De agenten wijzen Annemeta er vervolgens op dat zij nog wel het slachtoffer formeel zal moeten identificeren. Corinna en Hilletje doen vooral het woord bij het maken van een afspraak daarover.
Een minuut of tien later staan de agenten weer buiten en trilt het hele appartement nog na van alle emoties. Hilletje vertrekt snel daarna, Corinna en Annie veel sterkte toewensend.

Sjoerd, die alles heeft gehoord, terwijl hij in oma’s sleutelkastje in de keuken op zoek was naar het sleuteltje van de brievenbus, haalt opgelucht adem. Gelukkig hoeven ze nu niet direct die schijf af te geven. Hij kan het hele ding nu nog eens rustig onderzoeken en met oma en tante Annie overleggen wat er mee moet gebeuren.

Corinna komt de keuken binnen. ‘We moeten eerst maar eens wat gaan eten. Daarna kunnen we deze verwarrende toestanden eens rustig op een rijtje zetten met zijn drieën. Al denk ik dat Annie op dit moment niet veel zinnigs kan bijdragen. Wie had dat gedacht, dat mijn zus er een latin lover op nahield…’


Feuilleton, aflevering 24

door Bea Rigter

‘Wie had dat gedacht, dat mijn zus er een latin lover op nahield…’
‘Ik ga nog even die schijf bestuderen,’ zegt Sjoerd.

Corinna tovert snel een maaltijd op tafel. De zussen zitten zwijgzaam tegenover elkaar terwijl ze geen hap door de keel krijgen. Corinna twijfelt wat ze zal zeggen.
‘Je moet me meer vertellen, er zijn nog veel onduidelijkheden… ‘ Corinna pakt Annies hand. ‘… zo erg van Pieter-Jan….’
´Ik voel helemaal niets,’ zegt Annie, ‘alsof het me niets doet. Pieter-Jan is een beul. Corinna, we hebben een heel slecht huwelijk…. hadden…het is nu hadden… het is allemaal verleden tijd. Hij heeft me gesloopt, vernederd. Hij terroriseert, hij vleit en hij gebruikt me. Ik heb er geen grip op.’ snottert Annie.
‘Ik wil heel graag alles van mijn enige zus weten,’ zegt Corinna.
‘Maar toch heb ik PJ nodig, ik kan niet zonder hem, ik heb altijd iemand nodig , ik kan het niet alleen, ik kan het niet…’
‘Maar schat, we hebben allemaal iemand nodig,’ fluistert Corinna terwijl de tranen over haar wangen stromen. ‘Annie, samen staan we sterk!’

‘Vertel eens meer over die Diego.’
Annies gezicht begint te stralen. ‘Diego is heel speciaal. Hij betekent alles voor me. Hij maakt me blij. Mijn hart stroomt over bij de gedachte aan die mooie man. Dat is nu iemand waar niets fout aan is, goudeerlijk, hij heeft me nooit iets beloofd, maar we wisten allebei dat we voor elkaar bestemd waren. Hij heeft mij geleerd om naar mezelf te kijken en heeft me mijn zelfvertrouwen terug gegeven. Corinna ,ik was zo onzeker, ik vond me lelijk, oninteressant, ik wist nooit wat ik moest zeggen… Diego heeft me zo geholpen. Hij is goud waard.’

Sjoerd komt de kamer in. ‘Tante Annie, op de schijf staan heel erge dreigbrieven en er zijn heel hoge bedragen overgeschreven aan ene Diego Maria Lucario.’


Feuilleton, aflevering 25

door Helmi Duijvestein

Sjoerd komt de kamer in. ‘Tante Annie, op de schijf staan heel erge dreigbrieven en er zijn heel hoge bedragen overgeschreven aan ene Diego Maria Lucario.’
‘Tja, dat kan er ook nog wel bij’, zegt Annie geïrriteerd. ‘Het gaat erop lijken dat PJ en Diego elkaar toch beter kenden dan ik dacht.’ Corinna schrikt van deze uitspraak. En gebaart Sjoerd dat hij beter kan zwijgen.
Annie weet van geen ophouden. Ze recht haar rug en barst los: ‘In plaats dat ik me verdrietig voel merk ik dat ik steeds bozer word. Boos op PJ en nu ook nog boos op Diego. Want natuurlijk is Diego Maria Lucario mijn Diego . De man aan wie ik te danken heb dat ik me ook nog een beetje geliefd voel en zeer zeker meer vrouw voel. De man die ik dacht te kunnen vertrouwen, omdat hij zo eerlijk aangaf dat hij niet met mij verder kon. Maar dat was niet omdat hij thuis een echtgenote had, maar puur uit eigenbelang. Beide heren hebben gewoon onder één hoedje gespeeld. Ik heb het nu helemaal door.
Daarom mocht ik niets aan PJ zeggen, daarom dreigde Diego met chantage. Al die geheimzinnigheid de laatste jaren. Ze hebben me allebei voor een dom blondje gehouden. En dat allemaal om er financieel baat bij te hebben. Bah… Maar ik zal ze betaald zetten!’

Sjoerd schrikt van deze uitval. Hij dacht een treurende oude dame aan te treffen toen hij de kamer zojuist binnenkwam. Maar nu krijgt hij een heel verhaal over zich heen waar hij nauwelijks een touw aan vast kan knopen. Hij niet, maar Corinna des te beter.
Zij had zich pas nog verheugd op een paar rustige dagen , maar nu zit ze middenin een echte krimi. En dat nadat ze zelf plotseling naar het ziekenhuis moest en ook nog politie aan de deur kreeg die kwam vertellen dat PJ verongelukt was. En dan nu een briesende zus voor haar neus. Het wordt haar bijna weer te veel.

Corinna gaat zitten en zegt: ‘Ik stel voor dat Annie de politie belt en vraagt of ze hier willen komen om al deze raadsels op te lossen. Sjoerd, geef Annie even de telefoon.’


Feuilleton, aflevering 26

door Terry Porcelijn

‘Ik stel voor dat Annie de politie belt en vraagt of ze hier willen komen om al deze raadsels op te lossen. Sjoerd, geef tante Annie even de telefoon.’
Annie belt het nummer dat de heren die eerder bij ze waren geweest haar gegeven hebben. Ze wil graag schoon schip maken en is ook heel benieuwd wat de politie te weten is gekomen.

Even later komen beide mannen binnen. Nadat Corinna ze van koffie heeft voorzien zegt Annie tegen Sjoerd dat hij de harde schijf aan de heren moet geven. ‘Dank u wel,’ zegt de ene agent, ‘daar kunnen we vast wel iets mee. Mag ik me even voorstellen: mijn naam is Meijer en dit is mijn collega De Groot. We weten inmiddels meer over het ongeval van uw man, Pieter-Jan Ziengs.
Om te beginnen zijn we erachter wie de moordaanslag – want dat is het, er zijn getuigen – op zijn geweten heeft. Bovendien hebben we Diego Lucario opgepakt, die ons veel kon vertellen. Hij loopt groot gevaar om ook te worden vermoord en toen we hem dat mededeelden zong hij als een kanarie, dat wil zeggen: hij heeft ons veel nuttige zaken verteld.’

‘Uw man was al jaren lid van een misdaadsyndicaat als witwasser van aanzienlijke bedragen. Hij en Diego Lucario kenden elkaar van vroeger. Ze gingen vaak stappen in hetzelfde uitgaanscircuit en PJ werd loslippig nadat ze weer een avondje samen waren doorgezakt. Deze Diego besloot toen werk te maken van u, mevrouw Ziengs, om dat te gebruiken als chantagemiddel. Hij dreigde PJ om u alles te vertellen als hij niet betaalde.
PJ roomde geld af van de bedragen die hij voor het syndicaat beheerde om Diego te betalen. Maar daar werd na een tijdje duidelijk wat er speelde. Daarmee werd hij een zwakke schakel voor het syndicaat – dat hem daarom heeft laten vermoorden. Ook Diego staat, zoals ik al zei, op de nominatie om te worden omgebracht. Hem hebben we nu als kroongetuige op een geheim adres ondergebracht.’

‘Houd er rekening mee dat alle bezittingen van uw man en dus ook die van u, evenals zijn bankrekeningen, in beslag genomen zullen worden. Alleen uw woning staat op uw naam. Als u ons kunt overtuigen dat u onschuldig bent in dit geheel kunt u daar waarschijnlijk blijven wonen. Let wel: het belooft een langdurige enerverende zaak te worden en ik hoop dat u ergens terecht kunt voor hulp in die tijd. Ik raad u voor alle zekerheid aan om een tijdje onder te duiken. En het spreekt vanzelf dat u bereid moet zijn in alles mee te werken aan het onderzoek.’


Feuilleton, aflevering 27

Door Joanne Klusman

“Het spreekt vanzelf dat u bereid moet zijn om in alles mee te werken met het onderzoek.
Na dit uitvoerig betoog van agent De Groot wordt het stil in de kamer. “Nu, dan gaan wij er weer vandoor, mevrouw Ziengs, we zien u graag op het bureau op een nader te bepalen tijdstip!” Annemeta knikt gelaten en na een korte groet verlaten de twee heren het pand. “Nou, oma, zegt Sjoerd, dan ga ik ook maar eens…” en daarna blijven de twee zussen uitgeblust voor zich uitstarend achter in de ineens wel heel rustige woning.
Het duurt even voor Corinna zich herneemt en naar haar zus kijkt. “Gaat het wel, Annie?”,vraagt ze bezorgd.

“Jawel, jawel,” antwoordt deze, maar ik wil zo langzamerhand wel even op de bank liggen om bij te komen, als je het niet erg vindt… “Eerlijk gezegd, ik ben blij dat je dat zegt, want ik ben er zelf ook wel aan toe om even te liggen… ik trek me even in m’n slaapkamer terug, dan zien we straks wel verder.” Als Corinna zachtjes de slaapkamerdeur achter zich heeft dichtgetrokken, gebeurt er iets zeer opmerkelijks in de huiskamer.

De uitdrukking op het gezicht van Annemeta is plotseling veranderd,van moe en zorgelijk, naar alert en berekenend. Ze trekt zich terug in de uiterste hoek van de kamer en tovert uit haar tas een andere telefoon tevoorschijn. Het lijkt op een normaal exemplaar, maar terwijl Annie de toetsen beroert, licht de display op een bijzondere manier op. Gespannen houdt Annie het apparaat aan haar oor. Wanneer ze aan de andere kant een bekende stem hoort, begint ze op gedempte toon een bevel door te geven. Kortaf en zakelijk klinkt haar stem… het is een order om zo snel mogelijk een onopvallende auto te sturen op het adres van haar zuster. Dan deelt ze nog kort mee, dat ze vanaf nu alleen nog versleutelde berichten zal verzenden.

Na dit gesprek typt ze nog enige berichten in en dan bergt ze de telefoon weer in een speciaal vakje op. Ze stelt zich daarna verdekt op bij het raam en zorgt dat ze geen geluid maakt. Het komt er nu op aan dat ze zo snel mogelijk verdwijnt… het luistert nauw… de tijd dringt! Na tien minuten verschijnt een onopvallende grijze auto langzaam rijdend voor de deur.

Als een kat zo snel en stil trekt Annie de deur achter zich dicht en verlaat de hal van het flatgebouw. Eenmaal in de auto kijkt ze naar de man in de auto:  “We hebben weinig tijd, we vertrekken met de helicopter.” en de chauffeur heeft verder geen instructies nodig. Hij kent deze buurt op z’n duimpje en stuurt de wagen behendig naar de A1. Annie kijkt uit het raam en weet, dat ze nu binnen een kwartier bij de helicopter zal zijn, die haar naar een ver oord zal brengen … het enige wat haar nu nog te doen staat, is een berichtje naar haar naïeve zus te sturen, met excuses voor haar geheime aftocht… en daarna… een heel nieuw zorgeloos leven…


Feuilleton, aflevering 28

KOELBLOEDIGE TIENER VOORKOMT ONTSNAPPING
Van onze misdaadredactie
Irene Gret

Een bloedstollende achtervolging door Hilversum en Laren heeft gisteren geleid tot de arrestatie van een zware crimineel. De vrouw wordt verdacht van het witwassen van grote sommen geld en van het opdracht geven tot moord op haar echtgenoot.

De heldenrol in dit scenario is weggelegd voor Sjoerd, de 17-jarige achterneef van de vluchtende vrouw. Hij was bij zijn oma op bezoek geweest en stond nog even de poes van de buren te aaien. Plotseling gleed in de altijd stille straat een grijze BMW langs de heg. De chauffeur knipperde twee keer met zijn lichten en bleef met draaiende motor voor het huis van zijn oma staan. Sjoerd zag dat de zuster van zijn oma, die daar sinds gisteren logeerde, schielijk de voordeur uitkwam en snel instapte zonder afscheid te nemen. Sjoerds oma was op dat moment waarschijnlijk in de slaapkamer.
 Onze jonge held rook onraaad, noteerde het kenteken van de auto en belde onmiddellijk de politie. Hij had de indruk dat zijn tante Annie onvrijwillig meeging. Misschien werd ze gekidnapt?

De politie kwam onmiddellijk in actie. Volgens inspecteur De Groot van de regio Midden-Nederland was op het genoemde adres eerder die dag al recherche aan de deur geweest. Er zou een verband zijn met het ongeval met dodelijke afloop van de echtgenoot van Annie Z. dat eerder op de A1, bij Hoevelaken had plaatsgevonden.

Een rondgang door de buurt leverde de politie niet veel bijzonderheden op. Wel wist een buurvrouw, Hilletje, te vertellen dat zij, toen zij eerder die middag bij Sjoerds oma op bezoek was, er getuige van was geweest hoe deze echtgenoot boos het appartement was binnengestormd. Toen hij zijn vrouw daar aantrof was hij poeslief geworden en had haar voorgesteld samen romantisch te gaan dineren in Hoevelaken.

Deze fatale afloop heeft de buurvrouw erg geschokt. ´Dit was altijd zo’n rustige buurt, maar nu voel ik me niet meer veilig. Ik ga zelfs twijfelen of mijn buurvrouw Corinna, de zus van Annie Z., wel deugt….’

De officiële politieverklaring luidt dat na een hectische klopjacht door Hilversum een potentieel vuurwapengevaarlijke vrouw is aangehouden. Het zou gaan om de uit Assen afkomstige Annie Z.- van D. Zij wordt ervan verdacht betrokken te zijn bij een omvangrijke witwasaffaire en bij de dodelijke moordaanslag op haar echtgenoot. Verdachte stond op het punt ons land per helikopter te verlaten. Dankzij de tegenwoordigheid van geest van neef Sjoerd kon men haar zij onder voorarrest plaatsen en is mogelijk verder bloedvergieten voorkomen.


Feuilleton, aflevering 29 en slot

Door Henja Kronenburg

Als een bang vogeltje zit Corinna in de luxe wachtkamer van de notaris. Ze verdwijnt bijna in de grote fauteuil. Ongerust kijkt Sjoerd haar aan. ‘Het komt wel goed, oma. Je hoeft je echt geen zorgen te maken.’ Zachtjes streelt hij haar hand en slaat een arm om haar heen.

‘Ik maak me ook geen zorgen, ik ben alleen zo in de war. Eerst die corona en de lockdown. Alles stopte. Geen muzieklezing van Claire, ons seniorencafé in de Jonge Haan – en dat heet nu ook nog eens anders; het filmtheater, de wandeltochten, poëzie- en kunst lezingen, we kunnen er niet meer naar toe. Of op afstand, wat echt ongezellig is. Gelukkig kwam er wel de Oppepper-nieuwsbrief. Daar geniet ik erg van, maar nog steeds in mijn eentje. Ik wil mijn Senver-vrienden weer ontmoeten!
En tegelijkertijd komt dan Annie met al haar gedoe. Haar hele leven strooit ze ellende om zich heen. Zucht. En toch houd ik van haar, ze is, oh nee, ze was mijn enige zusje. Ik ben zo verdrietig dat juist zij dat vreselijke virus moest krijgen toen ze in voorarrest zat. En dat ik geen afscheid van haar heb kunnen nemen. Misschien was ze wel helemaal niet schuldig. Er is toch niks bewezen?
En dan dat afschuwelijke artikel in de krant, dat ik volgens Hilletje ook wel niet zal deugen.’ Corinna snikt zachtjes in haar zakdoek.

‘Oma, niet alles wat in de krant staat is waar, je weet niet zeker of Hilletje dat gezegd heeft.’
‘Jawel, ze zei tegen mij: “waar rook is, is ook vuur”, en ze wil de plantjes niet meer water geven als ik weg ben – en ze zegt me al maanden niet meer gedag.’
‘Die ene sanseveria,’ lacht Sjoerd. ‘Nou ja, maar toch,’ schokschoudert Corinna.

‘Mevrouw Van de Veer-Dam, wilt u verder komen?’ De notaris houdt uitnodigend de deur voor Corinna open. Angstig kijkt ze achterom, ‘Mag Sjoerd ook mee?’ De notaris knikt en alle drie nemen ze plaats aan de vergadertafel in het kantoor.
‘Mevrouw Van de Veer, uw zuster mevrouw Ziengs-Dam heeft al haar bezittingen aan u nagelaten. Door de ingewikkelde situatie waarin uw zuster en haar man overleden zijn heeft het enige tijd geduurd voor een en ander juridisch uitgezocht en goed bevonden is. De bezittingen van uw zuster staan volledig op haar naam en zijn niet in verband gebracht met criminele activiteiten. De betreffende bankrekening is bekend bij de belasting en er is altijd aan alle verplichtingen voldaan. Dat betekent dat, na aftrek van de successierechten u over het huis is Assen en de betreffende bankrekening kunt beschikken. Het lijkt mij verstandig dat u een accountant in de arm neemt die de zaken voor u kan beheren.’
‘Hoezo? Is dat nodig dan?’ vraagt Sjoerd. ‘Dat denk ik wel, het is een fors bedrag, er zijn allerlei beleggingen en dat huis is een kapitale villa, die levert ook een leuk sommetje op. Glaasje water?’ vraagt de notaris.

5 jaar later.
Met een zucht van genoegen pakt Corinna haar glas sap en staart dromerig voor zich uit. De kinderen spelen vrolijk in de speeltuin. Wat is ze gelukkig in dit dorpje in Columbia. Ze heeft nog wel een klein appartement in Hilversum, maar de meeste tijd brengt ze door in het kinderdorp dat ze met zoveel succes opgericht heeft in het armste gedeelte van Colombia. Samen met haar dochter, Sjoerd en een massa vrijwilligers in Nederland en Colombia. Het huis, de school, het mini- hospitaaltje, het ziet er allemaal fantastisch uit. Ze heeft nooit geloofd dat haar erfenis geen crimineel geld was, maar nu er zoveel goeds van gekomen is, speelt dat geen enkele rol meer.
Corinna pinkt een traantje weg, wat is ze toch gelukkig met al die lieve mensen om zich heen.