Puzzel-foto

Over het beeld Sirene, Oppepper van 6 november

Het beeld stond eerst (sinds 1981) in Raadhuisvijver. De Sirene 1A werd gemaakt in 1968 en was al in bezit van de stichting (kosten ongeveer ƒ 47.000). Tijdens de restauratie van het raadhuis werd het beeld bewaard. In november 1997 werd het gestolen, maar twee dagen later teruggevonden in een bos. Sinds 1986 staat het in de vijver aan de Kapittelweg. Vijver aan de Kapittelweg in de wijk Kerkelanden. Sirene is een verbeelding van demonische wezens uit de Griekse mythologie. Deze wezens, half vrouw, half vogel waren er op uit de zeevarenden met lokkend gezang te misleiden en hen daarna te doden. De Hilversumse Sirene is er een uit een serie van 7. Er staat in de Valkenburgerstraat in Amsterdam Centrum ook een exemplaar. Ook in Grootschermer staat een Sirene. Daar is in een mooie beeldentuin nog veel meer werk van Nic Jonk te bewonderen.


Nabrander over het dr. Cuypersplein, Oppepper van 2 oktober

De kerk dateert uit 1928. Zoals dat voor de Tweede Wereldoorlog nog was, omslaat het terrein van de kerk heel wat grond. Daar waar nu de flat staat aan de J. v/d Heijdenstraat, stond vroeger jongensschool “Willibrordus”. Daarachter was aanvankelijk een kleuterschool. En wat nu basisschool “De Wilge” is, was toen de meisjesschool “Gertrudis”. “De Wilge” is dus niet alleen de naam van de boom, maar ook een samenvoeging van die twee namen. De schoolgebouwen en de kerk waren in een soort vierkant gezet met er tussen in een grote tuin. Op foto’s uit die tijd zie je ook dat deze gebouwen hier in deze wijk als eerste neergezet waren, terwijl alles eromheen nog heide was.


Over het gebouwtje Boxengarage, Oppepper van 18 september

Over het A.T. College, puzzelfoto van 4 september

Op 3 oktober 1921 startte in een villa op Emmastraat 56 de R.K. HBS van Hilversum, met 36 leerlingen en 10 leraren. Enkele jaren daarvoor was het na een lange politieke twist met de onderwijspacificatie van 1917 wettelijk mogelijk geworden om bijzondere, en dus ook katholieke scholen, met financiering uit publieke middelen te stichten. De katholieke minderheid in Nederland maakte daarvan volop gebruik – ook in Hilversum. Het doel was de emancipatie van het katholieke volksdeel te bevorderen.

Een nieuw schoolgebouw

Vanaf 1924 liet de school ook meisjes toe en het leerlingenaantal groeide. De “houtbouw” in de tuin van de villa, die de nodige extra ruimte moest bieden, werd in 1931 verwoest door brand. Dat was het startsein voor de planning van een nieuw schoolgebouw. In 1938 werd het gebouw -mét kapel- naar een ontwerp van Nico Andriessen, duidelijk beïnvloed door de beroemde architect Dudok, in gebruik genomen.

R.K. Lyceum

In de Tweede Wereldoorlog, toen het gebouw door de Duitse bezetter werd gevorderd, werden leerlingen en leraren elders ondergebracht, onder andere in de Heilig Hartparochie. Toen de school in 1946 haar eigen gebouw weer in gebruik nam, was het leerlingenaantal gegroeid en werd bovendien een gymnasiumafdeling geopend. De school heette vanaf dat moment R.K. Lyceum. In 1954 werd een middelbare meisjesschool toegevoegd. De groei van de school zorgde ervoor dat extra lesruimte moest worden gezocht, zoals in een nieuw aangebouwde vleugel, in de tot leslokaal omgebouwde kapel, in de “Villa Cecilia” naast de school op de Emmastraat, en in Laren, waar een tijdelijke dépendance later verzelfstandigde tot ‘Laar en Berg’. In 1966 sloten de leerlingen uit HBS 6a bij wijze van examenstunt de school en spijkerden, terwijl de leerlingen en leraren buiten op ‘de cour’ zaten, boven de deur een nieuw naambordje: “Alberdingk Thijm College”. Dat grapje werd in alle ernst overgenomen door het bestuur, zodat de school vanaf 1968 de naam van de 19e eeuwse schrijver en publicist J.A. Alberdingk Thijm draagt.

Verzetsmonument Rosarium

Beeldhouwer en ontwerper was Piet Esser. Hij was geboren in Baarn en geldt als een van de meest vooraanstaande portretbeeldhouwers van Nederland. Hij omschreef het beeld in het Rosarium als volgt :

De linker hand getuigt van kracht
Waarmee hij naar zijn vrijheid streeft.
De rechter, die hij bij zijn voorhoofd heeft
Spreekt van de smart die ’t onrecht bracht.
Zo even heeft hij nog gewacht,
Maar nu, het lijkt of hij plots leeft,
En meer om vrijheid dan om vrede geeft, Heeft hij genoeg van deze lange nacht
Tilt op zijn knie als waar
Het dat hij de strijd aanbindt.
En zo, in deze houding staat hij daar,
Rondom hem gras, en rozen, paden grint.
Zo zien we hem slechts eens per jaar.
Ik denk dat ik dat jammer vind.

Beroemd is zijn beeld van Charlotte van Pallandt.


KRO-eiland: Gebouw Ariane

Het hele wooncomplex De KROon bestaat uit vier appartementengebouwen.
Aan de Emmastraat – hoek Julianalaan – het voormalige KROgebouw met 26 zorgappartementen onder het motto ‘De Kroon op uw leven’. Dit gebouw heet De Kroon.
Verder op het KRO-eiland, zoals dit gedeelte van de woonwijk in de volksmond genoemd werd, aan de Julianalaan dus gebouw Ariane (20 appartementen), voormalige KRO-villa’s. Aan de kant van de Wernerlaan-Koningsstraat-Emmastaat de gebouwen Amalia (17 appartementen in voormalige studio) en Alexia (22 appartementen).

‘In de architectuur is ernaar gestreefd de verschillende gebouwen aan te laten sluiten op de omgeving.
Het voormalige rijks monumentale KRO-gebouw is als herkenningspunt gerespecteerd, evenals de studio die is herbouwd in eenzelfde architectuur. De voormalige zijvleugel is vervangen door een drie laags woongebouw. De kenmerkende ramen, het KRO-embleem op de gevel, de stenen en kleuren zijn gebleven, evenals het doorzetten van de ronde vormen, daklijsten en de horizontale beeldvorming.

In de herbouwde studio is door middel van gezaagde gevelopeningen daglicht gerealiseerd. De voormalige aanbouwen van deze studio zijn zichtbaar gemaakt middels gestucte gevels en nieuwe aanbouwen. Het gebouw Alexia op de hoek Emmalaan – Koningsstraat bestaat uit vier bouwlagen , drie lagen van steen en een terugliggende aluminium bovenlaag. De hoek wordt gekenmerkt door een verbijzondering in gevelopeningen en metselwerk.

De villa’s Ariane hebben een rijke detaillering aan de voorzijde, moderner aan de parkzijde, wat doet vermoeden dat deze later aan de hoofdvilla zijn aangebouwd.’

V.l.n.r. Alexia, Amalia, Ariane (Wernerlaan/Koningsstraat)

Over de toren van de Geraniumschool

Oospronkelijk een openbare lagere school. Tevens tijdelijk onderkomen geweest voor het Nieuwe Lyceum en de Fred. van Eeden ULO school. De school vormt een oriëntatiepunt in het hart van de wijk. Er zijn ‘bekende Dudokzichtlijnen’ met de Clemenskerk en een richting Lupinestraat. Ook, als je over de Diependaalselaan rijdt steekt de markante toren er fier en trots bovenuit.

De school kent een symmetrische bouw. Het middengedeelte is hoog, aan weerskanten lage zijvleugels, die een mooie overgang vormen met de woningen in de omgeving en de kinderen, die er naar school gingen omarmden.

Het gebouw heeft veel overeenkomsten met Slot St. Hubertus ( Berlage) op de Veluwe. Niet zo verwonderlijk, want Dudok was in die tijd erg geïnspireerd door deze architect.

Het uurwerk op de toren, omringd door fraai Amsterdamse School metselwerk, is bijzonder. Het bevindt zich nl. aan 4 zijden. Praktisch voor de moeders. Die hoefden maar naar buiten te kijken, om te zien hoe laat het was. Zij konden in de gaten houden of hun kinderen regelrecht naar huis kwamen of na moesten blijven.

In 1985 verbouwd tot woonruimten voor jongeren. Helaas zijn toen de ramen en het mooie houtwerk daaromheen grondig veranderd, waarbij juist die charme verdwenen is. Jammer, dat de gemeente ten tijde van de renovatie van de Bloemenbuurt er geen oog voor

Over het beeld ‘Liggend’

‘Liggend’, foto van Henk Roos

Alphons Willem Bernhard Johannes (Fons) Bemelmans geboren in Maastricht in 1938 is een Nederlandse kunstenaar, vooral bekend als beeldhouwer . Hij is ook werkzaam al edelsmid, kunstschilder en  graficus.

Bemelmans begon zijn opleiding als edelsmid in 1955 aan de academie in Maastricht waar hij in 1958 de  St Lucasprijs won. Vanaf 1960 tot 1962 ging hij in onderricht in Keulen aan de Kölner Werkschulen en daarna nog aan de Accademia di belle Arti di Brera in Milaan tot 1963. Zijn werk laat zich omschrijven als geabstraheerd figuratief met de klassieke thematiek van mythen en sage. Fons Bemelmans woont en werkt in Eijsden. Hij signeert zijn werk soms met FB.

Anton Gerits schreef er een mooi gedicht bij:

Liggend

Je bent ineens zo naakt
als je gevallen bent
languit en zonder reden,
je zweeft zelfs even weg
naar wie je vroeger was,
kunt niet meer overeind.
Je zou wel willen slapen
als na het warme bad,
maar je wordt opgericht
door twee bezorgde handen,
een onbekende stem,
bemoedigende woorden
|zich hechtend in je hoofd
dat zich nu ouder weet
op weg naar dichterbij.


Vervolg van de Puzzelfoto op 24 april 2022

Huisje op de Joodse Begraafplaats

Dit maal is er een foto genomen van het metaheerhuis (lijkenhuisje op een Joodse begraafplaatsen)  van de Joodse gemeenschap aan de Vreelandseweg nr.1. Het gebouw behoort bij de Joodse begraafplaats, die zich hier sinds 1937 bevindt.
Boven de ingang van de aula staat de tekst (vertaald):
“Ja, klein en groot, is daar àl bijeen en vrij is ook de knecht er van zijn heer”, een tekst uit Job 3:19.
De joodse gemeente kreeg in 1751 de beschikking over een begraafplaats aan de Gooische Vaart. Deze is tot 1863 in gebruik en is in 1937 geheel geruimd. Vlak voor de sluiting van deze begraafplaats werd een nieuwe begraafplaats aan de Vreelandseweg in gebruik genomen.
Gedurende de jaren 2007 t/m 2010 zijn het oorspronkelijke gebouw, woning van de beheerder, het metaheerhuis en de naastgelegen opslagruimte ingrijpend gerestaureerd en verbouwd en hebben nieuwe functies gekregen. Het toegangshek en het hekwerk rond het terrein van de begraafplaats vernieuwd.
De geschiedenis van de Joodse gemeenschap in Hilversum meldt een gruwelijk getal.  Van de Joodse bewoners heeft slechts 10 % de oorlogsjaren overleefd.  Een gedenkteken op de Joodse begraafplaats houdt de herinnering aan de slachtoffers in stand. In 1951 woonden er nog 200 Joden in Hilversum. De vele struikelsteentjes, op dit moment 517 , zijn een stille getuige van hun aanwezigheid in Hilversum
De begraafplaats is nu een gemeentelijk monument.


Vervolg van Oppepper 3 april

Over Villa Westerengh (gemeentelijk monument) Larenseweg 285

In het Bestemmingsplan Noord wordt deze villa omschreven als de villa Westerveld. Volgens die beschrijving is deze gebouwd omstreeks 1880, in een voor de bouwtijd karakteristieke, eclectische bouwtrant. De architect is onbekend. De villa is van algemeen belang vanwege de cultuurhistorische, de architectonische en de ensemblewaarde, alsmede vanwege de gaafheid.

Elders: de villa Westerengh op het terrein van de bron der waterleiding van Nieuwer-Amstel, later Amsterdamse Waterleiding. Voormalige directeurswoning van de Amsterdamse Waterleidingmaatschappij.

Daarnaast:

Mogelijk dat de verwarring over de naam van deze villa (Westerveld of Westerengh) gelegen is in de volgende beschrijving? ‘De bronwaterleiding te Hilversum leverde water dat uit een 35 meter diepe zandlaag op de heide van Hilversum werd onttrokken. Dit water werd doorgepompt door het pompstation Westerveld, dat zowel levering- als distributiepompstation was. Een groot deel van dit water ging naar de Provinciale Waterleidingsmaatschappij Noord-Holland, de gemeente Muiden en het militaire kamp te Laren. Het gedeelte dat naar Amsterdam ging kwam grotendeels terecht in Diemen, dat door Amsterdam van water werd voorzien.

En – in dit verband – ook interessant (info GEO-park), maar wel wat bij het eigenlijke onderwerp vandaan…….:

In de zandige stuwwallen van het Gooi zakt het regenwater gemakkelijk weg. Aan de randen van het Gooi komt dit water als kwelwater tevoorschijn. Op de hoogste plekken van het Gooi ligt het water tot tien meter diepte. Dit water is moeilijker te winnen, maar toch was men hier omstreeks 1900 buitengewoon in geïnteresseerd. Dit water was geïnfiltreerd in de bodem van bos- en heidegebieden en daarom uitermate schoon.

Om het water uit de bodem te krijgen waren pompstations met grote pompen nodig. De toen beschikbare zuigpompen waren echter niet in staat diep water op te pompen. Vanaf 10 meter ontstaat er bij zuigpompen een vacuüm in de aanvoerleiding.

Vandaar dat vanaf circa 1900 aan weerszijden van de Hilversumse/Larenseweg pompstations in diepe kuilen in het landschap werden geplaatst. Aan de noordzijde van de Larenseweg kwam de Bron der Waterleiding Westerveld op de kruising van twee diep ingegraven sleuven te liggen. In het noordelijke verlengde van de noord-zuidsleuf liep de Waterleiding Nieuwer Amstel (ook wel aangeduid als Bronwaterleiding Amsterdam) naar de Laarder Watertoren. Het tracé is nog altijd herkenbaar aan een kaarsrecht pad over de heide. 

Aan de zuidzijde van de Hilversumse weg kwam iets later, ook in een gegraven diepte, de Bron der Hilversumsche Waterleiding tot stand. Deze kuil werd in de jaren 1950 en 1960 uitgebreid tot een laagte van bijna 200 bij 500 meter. Toen ging het om zandwinning. Hoewel nu andere pomptechnieken beschikbaar zijn, liggen de pompstations nog altijd in deze laagten.

Vervolg van Oppepper 13 april over Barbershop Den Uylplein

Amsterdamse School

Het pandje is gebouwd in een voor het vroege werk van Dudok karakteristieke, aan de Amsterdamse School verwante bouwstijl. De voormalige politiepost heeft één bouwlaag en was ingedeeld met een portaal, toilet, politiecel en wachtlokaal. De gevels van het pand zijn volledig opgetrokken in hout. Aan de onderzijde zijn schuin liggende horizontale planken gebruikt, terwijl daarboven staande planken zijn gebruikt. Boven de toegangsdeur steekt de dakrand naar voren uit, waardoor een luifel is ontstaan. De vensters, dakrand, luifel en entree zijn alle voorzien van decoratief houtsnijwerk. De kleuren groen en geelbruin zijn karakteristiek voor de door Dudok ontworpen vroege gebouwen. Het oranjerode pannen schilddak steekt hier mooi tegen af.

Nieuwe bestemming

Nadat het nieuwe raadhuis van Dudok in 1931 in gebruik was genomen, nam de gemeente de Kerkbrink, waar het oude raadhuis en de politiepost zich bevonden, onder handen. De dienstgebouwen die vanwege het ruimtegebrek in het oude raadhuis op de Kerkbrink in gebruik waren genomen, een oude school en een gymnastieklokaal, zouden worden afgebroken. Volgens de Gooi- en Eemlander zou ‘door het sloopen der oude gebouwen weer een stukje Hilversum verdwijnen, dat een historie heeft van bijna twee eeuwen’. De politiepost echter werd behouden, maar kreeg een nieuwe bestemming aan de Larenseweg (toen nog Laarderweg geheten). De politiepost verving de post aan de Kleine Drift, een door Dudok in 1919 in Amsterdamse Schoolstijl ontworpen gebouwtje. Sinds 1947 is in het gebouwtje een kapperszaak gevestigd, thans de herenkapperszaak ‘Barbershop Hilversum’.

Vervolg van Oppepper 27 februari

De Nieuw-Apostolische Kerk aan de Johannes Geradtsweg sluit over twee weken de deuren. Het gemeentelijk monument is verkocht aan een projectontwikkelaar.

De kerkgemeente werd in de afgelopen jaren geconfronteerd met een afname van het aantal actieve leden en toenemende onderhoudskosten van het kerkgebouw. Dit heeft het kerkbestuur doen besluiten om het kerkgebouw te verkopen, meldt woordvoerder Reinier van Markus van Nieuw-Apostolische Kerk in Nederland. Het pand is verkocht aan een projectontwikkelaar, die het een (nog onbekende) nieuwe bestemming gaat geven. ’Omdat het om een beschermd gemeentelijk monument gaat, zal dit binnen de huidige muren van het kerkgebouw gebeuren.’

Lief en leed

Het sluiten van een kerk is een ingrijpende gebeurtenis, stelt Van Markus. ’In het kerkgebouw, dat in 1937 in gebruik werd genomen, hebben veel mensen lief en leed met elkaar gedeeld. Niet alleen voor mensen uit Hilversum, maar ook voor de landelijke kerk had dit kerkgebouw een belangrijke functie van samenkomst.’ Daaraan komt een einde als op zondag 1 augustus de laatste kerkdienst zal worden gehouden en het kerkgebouw aan de eredienst zal worden onttrokken. Leden van de kerkgemeente zullen in omliggende plaatsen hun plaats gaan innemen.

Het kerkgebouw is een ’interbellumkerk’ in sobere functionalistische vormen, stilistisch beïnvloed door het werk van de Hilversumse architect W.M. Dudok. Het ontwerp is van Barend Hendrik Bakker en zijn zoon Cornelis Marinus Bakker, architecten te Hilversum.

Vervolg Oppepper 20 februari

Als buitenhuis / zomerverblijf gebouwde ‘VILLA Henriëtte’. Gebouwd in 1896 in schilderachtige eclectische trant met invloed van de chaletstijl. Het huis is in opdracht van J. Ter Meulen gebouwd als zomerverblijf naar ontwerp van de architecten A.L. en J.G. van Gendt in het Hilversumse Susannapark. Villa Henriëtte werd als een van de eerste landhuizen in het park gebouwd, en vervulde een poortfunctie vanwege haar strategische ligging op het hoogste punt van het (destijds nog grotendeels onbebouwde) park, dat onderdeel uitmaakt van het van rijkswege beschermde dorpsgezicht ‘Noordwestelijk Villagebied’. Nadat de omroepvereniging NCRV het gebouw in 1936 had aangekocht, kreeg het pand tot 1939 de functie van radiostudio en daarna een kantoorbestemming.

Het buitenhuis / zomerverblijf ‘VILLA Henriëtte’ vertegenwoordigt architectuur- en cultuurhistorische waarde als representatief voorbeeld van een buitenhuis / zomerverblijf in schilderachtige eclectische trant met chaletstijl-invloed uit het oeuvre van de gebroeders Van Gendt. Villa Henriëtte is van stedenbouwkundig belang vanwege de markante en beeldbepalende situering in het Noordwestelijk Villagebied en heeft cultuurhistorische samenhang en ensemblewaarde
De gebroeders van Gendt hadden samen met hun vader een heel groot ontwerpbureau. Oorspronkelijk is het A.L. van Gendt die als architect gebouwen ontwerpt, maar later komen de twee zoons ook op het architectenbureau te werken. Later werken ze ook vaak onder de naam gebroeders Van Gendt. Gedrieën hebben zij tussen ongeveer 1850 en 1930 vele gebouwen in Amsterdam ontworpen. Nog vaker waren zij als constructieve of programmatische adviseurs betrokken bij gebouwen. Zij hebben aan veel bank- en kantoorgebouwen getekend en waren ook gespecialiseerd in constructies en kluizen. Het is ook niet altijd duidelijk wie wat heeft ontworpen en getekend.
Maar zonder de architectenfamilie van Gendt zou Amsterdam er heel anders hebben uitgezien. Tegen het einde van de 19de eeuw is het architectenbureau waarschijnlijk het grootste van Nederland en in elk geval het productiefste. Er zijn perioden dat zij en hun medewerkers aan meer dan 100 projecten tegelijk bezig zijn. Daaronder zijn heel wat gezichtsbepalende panden, zoals het Concertgebouw (1888), de Hollandsche Manege (1880), gebouw Frascati en de winkelgalerij in de Raadhuisstraat (1899)