Puzzel-foto

Doopsgezinde Kerk Boomberglaan

Na 60 jaar was de kerkzaal te klein geworden door de aanwas van het aantal kerkbezoekers. Besloten werd om de kerk radicaal te vernieuwen en uit te breiden. In 1940 kreeg architect C.M. Bakker de opdracht een bouwplan te maken. De nieuwe kerk bestond uit een vernieuwing van het oude gebouw. De aannemer kreeg de opdracht om de zijmuren van de kerk te laten staan. Daaromheen werden nieuwe muren gebouwd van handgevormde stenen in zachte tinten. Alleen de lengte van het gebouw werd vergroot en er kwamen hoge gebrandschilderde ramen in, ontworpen door Huib de Ru. De oude pastorie van Salm bleef staan. De kerk stond bekend als de Vermaning, een typisch woord uit de Doopsgezinde Kerk

Toen vanaf de 70-er jaren het aantal kerkbezoekers afnam is de kerkenraad gaan zoeken naar samenwerking met andere passende geloofsgemeenschappen. In 2006 traden de doopsgezinden toe tot het samenwerkingsverband van de Vrijzinnige Geloofsgemeenschap Hilversum (VGH), gevestigd in de Kapel aan de ‘s-Gravelandseweg 144 (ook van Salm). In 2010 werd het kerkgebouw verkocht en kreeg het een bedrijfsbestemming. De oude pastorie staat er nog steeds maar wordt nu gebruikt als kantoor met boven bewoning.

Het gebouw op de Boomberglaan is nu in gebruik als Centrum voor Healing en Meditatie. Op de foto (gevonden op internet) het gebouw dat op deze plaats stond (1878-1940; G.B. Salm)

Torentje Koninginneweg

De dubbele villa (1901) is gebouwd in de eclectische bouwtrant (dat betekent: van alles wat…). Het bevat Jugendstil-en vakwerkelementen, en vele kenmerkende ‘Slot’ details, zoals overdekte balkons en rondbogen. Opvallend aan deze villa’s is de vierhoekige uitbouw onder een puntdak, de rode Tuiles-du-nord dakpannen, een piron en een windwijzer.

Het huis van de foto wordt al jaren bewoond door schrijfster van jeugdliteratuur Imme Dros en haar partner Harrie Geelen, die eigenlijk heel veel beroepen heeft. Animator, dichter, illustrator, regisseur, tekenaar etc.

Toen er op de Naarderstraat nog sprake was van tweerichtingsverkeer is er zeer regelmatig een auto en ook zelfs een bus de voortuin ingereden. Soms was het tuinhek nog niet eens gerepareerd en hopla daar stond de volgende auto al weer in de tuin. Nu met het eenrichtingsverkeer en de stoplichten komt het , zover we weten, niet meer voor.

Het huis is één van de twee Rijksmonumenten van Slot in Hilversum. Het andere staat aan de Hoflaan 2.

Aan de overkant Naarderstraat 90-96 staan ook huizen van zijn hand, evenals op de Koninginneweg 28-30 ( vml. Hilfertsom) Slot heeft in Hilversum vele kenmerkende huizen (zo’n 140) gebouwd.

De Watertoren

Tijdens de Tweede Wereldoorlog was vanaf 1942 het hoofdkwartier van de Duitse Wehrmacht in het Hilversumse Dudok-raadhuis gevestigd. De Duitse troepen werden gelegerd in de villawijk Trompenberg, waar de watertoren deel van uitmaakt. In 1944 vond er een heftig bombardement door de geallieerden plaats. Hierbij raakte de watertoren beschadigd. Het achthoekige zinken tentdak ging hierbij verloren. In 2000 vond gelukkig een restauratie plaats, waarbij de watertoren in originele staat werd hersteld. Hoewel de watertoren meer dan honderd jaar oud is, heeft hij nog steeds een functie. Als bij warm weer Hilversummers massaal hun tuin aan het sproeien zijn, regelt de watertoren dat er voldoende druk op de waterleiding staat. Sinds 20002 heeft de toren de status van rijksmonument.

Nederland telde aan het einde van de negentiende eeuw circa 260 watertorens. Vele zijn afgebroken, maar gelukkig zijn er toch nog 175 watertorens bewaard gebleven. Deze torens waren een stuk hoger dan de watertorens op de stations en vielen dan ook behoorlijk op in het vlakke Hollandse landschap. Minder dan een kwart daarvan is nog in gebruik. Drinkwatertorens verrezen ook op industriële complexen en werden bovendien door ziekenhuizen en particulieren gebouwd als onderdeel van kleine drinkwatervoorzieningen op plaatsen waar nog geen leidingnet aanwezig was. Voorbeeld van een eigen watervoorziening mét watertoren is bijvoorbeeld  te vinden op de landgoederen Zonnestraal.

Het Boomberg-park

Boomberg verwijst naar een van de heuvels van het glooiende Gooise landschap waarop Hilversum is gebouwd. (Bron Wikipedia). Er rust op dit park een eeuwigdurend servituut waarbij bepaald is dat er geen directe toegang gemaakt mag worden tussen de aanliggende achtertuinen en het park. Helaas wordt er de laatste jaren hierop niet meer gehandhaafd.

Boudewijn schrijft:

Voor mij is ook dit een nostalgische omgeving, aangezien ik op de Vondelschool mijn lagere schooltijd heb doorgebracht. Nog tijdens de 6e klas ben ik naar de Werkplaats in Bilthoven gegaan. Mijn ouders waren het namelijk niet eens met de geadviseerde vervolgschoolopleiding.

Ook Cok weet er meer van:

In mijn jonge jeugd woonde ik ‘onderaan’ de Vaartweg toen daar – door onze achtertuin – de ‘nieuwe (beton)weg’ (Geert van Mesdagweg) werd aangelegd. Ik herinner me dat ik de mannen plantsoenendienst geholpen heb met het aanplanten van bomen langs deze weg. Dat leidde er zelfs toe dat ik later naar de kleuterschool ging omdat ‘het werk nog niet af was’; dat moet in 1955 geweest zijn.

Het Boombergpark is in 1831 – met financiële steun van Amsterdamse vrienden – aangekocht door kunstenaar Jan van Ravenswaay (neef/wandelvriend van Albertus Perk); later heeft de gemeente Hilversum het gekocht en hoort het bij het beschermd dorps gezicht. Ondanks dat in het koopcontract was opgenomen dat het openbaar groen moest blijven, heeft hier toch bebouwing plaatsgevonden o.a. CVH.

Het Jan van Ravenswaaypad doorkruist het park in de breedte ter hoogte van het gedeelte dat na WO2 het ‘speldenkussen’ werd genoemd, vanwege de overgebleven boomstronken na de bomenkap (brandhout) in de oorlog.

Ons gebouw

Het voormalige bondsgebouw heeft twee en drie bouwlagen onder platte daken. De gevels zijn asymmetrisch en verspringen qua hoogte en diepte. De gevels zijn opgetrokken uit rode baksteen, als verwijzing naar de oorsprong van dit vakbondsgebouw. Op de stichtingssteen naast de voordeur worden het Bestuur van de Hilversumsche Bestuurdersbond en architect Van Laren vermeld. Het gebouw heeft smalle vensters met ijzeren ramen, de ramen op de tweede verdieping zijn voorzien van glas in lood. Tegen de eerste verdieping staat een balkon. In de linker zijgevel bevindt zich een serie van negen vensters onder een plat overstek.

Ons Gebouw was het onderkomen van de SDAP en het NVV. D Het gebouw is met dubbeltjes en kwartjes v.d. leden der vakbeweging bijeengebracht.

De concertzaal op de bovenverdieping bood plaats aan 400 toehoorders. De zaal werd gebruikt door de NRU en de Arbeiders Muziekvereniging Oefening Kweekt Kennis. Nadat het pand in de Tweede Wereldoorlog werd gebruikt door de Gestapo werd er in  1944 een gaarkeuken gevestigd.

Het gebouw werd  in de zestiger jaren het onderkomen van het alternatieve jongerencentrum Utopia. Na de ontruiming van Utopia werd het in 1972 onderkomen voor de vakcentrales NVV, CNV en NKV. De naam Ons Gebouw werd daarbij gewijzigd in Verenigingsgebouw De Delta. Naast de vakcentrales had het pand veel andere gebruikers, zo als het Gewestelijk Arbeidsbureau, de Stichting Hilversumse Gemeenschap, het Humanistisch Verbond, politieke verenigingen/partijen en de Stichting Buitenlandse Werknemers.

In 1981 werd het pand aangekocht door de gemeente Hilversum. Vanaf 1983 was het een buurthuis. In het gebouw zijn in 2007 door Dudok Wonen 18 studio’s gemaakt voor bewoners met een beperking.

Informatie naar aanleiding van Lopes Diaslaan

Wie was David Lopes Dias? (Bron: Wikipedia)

Lopes Dias werkte als schoenmaker in Amsterdam, maar vertrok vanwege zijn gezondheid naar Hilversum, waar hij politiek actief werd in de SDAP. Hij was in 1912 getrouwd met Trijntje Gnodde, die niet Joods was. Van 1919 tot 1940 was hij lid van de gemeenteraad voor de SDAP en van 1922 tot 1923 en van 1927 tot 1940 wethouder. Lopes Dias en zijn vrouw kregen drie dochters, die alle drie de oorlog overleefden en van wie Emmy Lopes Dias als actrice na de oorlog bekendheid verwierf.

Op 14 mei 1940, vier dagen na de Duitse inval verdween Lopes Dias plotseling uit Hilversum. De burgemeester verklaarde later dat hij een “geheime opdracht” had en vaststaat dat hij in het verzet zat. Na een paar maanden was hij plotseling weer teruggekeerd en nam zijn plaats als wethouder weer in op 4 september.[1] Lopes Dias schreef artikelen tot in de oorlog tegen het nazisme. Toen Hilversum eind oktober een NSB-burgemeester kreeg, Von Bönninghausen, nam Lopes Dias ontslag en werd kort daarna gearresteerd en weggevoerd. Hij schreef een brief die in de plaatselijke pers werd gepubliceerd. Na zijn arrestatie werd hij gedeporteerd naar het concentratiekamp Mauthausen, waar hij in 1942 overleed.

Reacties op foto ‘Service station’

Het is een gemeentelijk monument dat in 1950 ontworpen is in opdracht van garagehouder Ru Schouten. De architect was Hendrik Bunders (1892-1965). Het gebouw bestond uit een benzinepomp, wasinrichting, kantoor, werkplaats en showroom. Ru Schouten was eigenaar van een garagebedrijf, autohandel en autorijschool aan de Spoorstraat in Hilversum. Hij was een echte autoliefhebber. In 1951 zou hij deelnemen aan de Rally van Monte Carlo, maar door een ongeval op weg naar de start moest hij afzien van deelname. De auto, die driemaal over de kop sloeg, werd zwaar beschadigd, maar Schouten bleef wonderwel ongedeerd.

In 1966 werd het gebouwtje verbouwd . De showroom werd verwijderd, de dakranden verbreed en de kenmerkende stalen raamkozijnen werden vervangen door houten. A.Stork was toen de architect , maar die hield blijkbaar niet zo’n rekening met de historische en architectonische waarde van dit bijzondere gebouwtje.

In 2010-2011 werd het opnieuw gerestaureerd en kreeg het oorspronkelijke kenmerken terug, behalve dan de functie van garage. Deze verbouwing werd uitgevoerd in opdracht van Fresh Forward en ingericht om creativiteit en samenwerking bij mensen te stimuleren. Dit bedrijf zit nog steeds in het gebouw.

Reacties op foto ’tankgracht’

Op verschillende plekken is er in Hilversum nog wat van de tankgracht te zien. Zoals in het Spanderswoud, waar de gracht nog open en in vrij intacte staat is. Verder zien we delen van de gracht terug op de Laapersheide, de Hoorneboegseheide en de Westerheide

Deskundige Pieter , de historicus, schreef over deze bijzondere wal: In mei 1942 vestigde General der Flieger F.Ch. Christiansen, Wehrmachtbefehlshaber in den Niederlanden, zich met zijn staf in Hilversum. Om het hoofdkwartier tegen een mogelijke geallieerde aanval te beschermen, legden de Duitsers rondom Hilversum een tankgracht aan. Zij maakten daarbij onder meer gebruik van dwangarbeiders uit Hilversum en Kamp Amersfoort.

Omdat er gebrek was aan brandhout, trokken verschillende Hilversummers erop uit om, als de Duitse wachtposten niet keken, hout van de verdedigingswerken te slopen.

De tankgracht heeft zijn nut nooit hoeven te bewijzen. Al spoedig na de Bevrijding liet de gemeente Hilversum de gracht dichtgooien. Van de vroegere verdedigingswerken is daarom vrijwel niets meer over.

Op onderstaande kaart van de Nederlandse spionagegroep Albrecht is de tankgracht rond Hilversum aangegeven. De redactie heeft een fietstochtje naar het Spandersbos gemaakt en trof bij restanten van de tankgracht dit bordje aan.

Reacties op ’t Pandje

Cok heeft het opgezocht in de Gooi- en Eemlander en vond de volgend informatie.

“Een antiek theehuisje uit het jaar 1929. De architect was ene Jan Kuiter. In het begin heette het Theehuis Craailoo, maar het heeft later meer benamingen gehad (zoals ’Hoofdstuk 10’ of ’Studio’). Het werd ambtelijk omgeschreven als ’consumptiepaviljoen’. Het was eind jaren twintig – crisistijd – een initiatief van de Volksbond tegen Drankmisbruik afdeling Hilversum.”

Ironisch. In 2013 grondig verbouwd (5 aug geopend). Oorspronkelijk (1929) consumptiepaviljoen van de Volksbond tegen Drankmisbruik (architect: Jan Kuiler). Cok vond zelfs het oude krantenbericht van de aanbesteding :

Martien had weer andere informatie , met name over de huidige naam. Het naam Pandje komt van de Hilversumse hockeyer Henk de Looper, hij had het altijd over ‘leuk pandje’, vandaar dat de naam Het Pandje is geboren. Eerst was de eigenaar Gijs, daarna Bob Boerekamp van het Indisch restaurant Spandershoeve aan de Bussummergrintweg naast het Melkhuisje. Vervolgens kwamen Leo en Marie de Haan, daarna Joop en Marlies den Hartog en dáárna eigenaar Emile Bollebakker. Nu de zusjes Lusa. Ik kwam er in mijn tijd bij de Wereldomroep 25 jaar lang en wij noemde het theehuisje Studio 13. We zeiden dan tegen de receptie “we zijn even in studio 13” terwijl wij maar 12 studio’s hadden. Een leuk weetje voor Senver.

Wim voegt er nog dit aan toe: Het eetcafé het Pandje was niet alleen bij de school bekend maar ook bij de omroep. Daar noemden ze het studio 13 omdat er bekenden kwamen zoals Koos Postuma en Ron Brandsteder. Allemaal aan de witte wijn.

De redactie betwijfelt of het daarbij bleef.